Hebreeuws: Gods taal

24-05-2021 door Dr. K.D. Goverts

Wie Hebreeuws gaat leren krijgt een directe toegang tot Gods Woord, een uniek Meesterwerk uit de wereldliteratuur. De Hebreeuwse bijbel is meer dan een literair geschrift. Dit Unieke Boek is ‘de Schriftgeworden Stem van de God van Israël’, een ‘Schepping grootser dan de schepping van de wereld’. Gods Woord is ook een literair kunststuk: ‘een fijnzinnig taalkundig Meesterwerk, waarbij elk woord, zelfs elke letter op zijn plaats staat. Kennis van het Hebreeuws geeft niet alleen toegang tot een Unieke Brontekst, maar bevordert ook in hoge mate de mondigheid van de mens. Zonder deze taalkennis is men afhankelijk van een kleine groep taalkundige tussenpersonen die het ‘onmondig volk’ steeds weer moet uitleggen wat er in de grondtekst staat. Hebreeuws leren maakt de moderne bijbellezer pas echt mondig.

Hebreeuws is de taal van God, de oertaal. Het is een open taal: een taal met tal van holtes in de woorden en tussen de woorden. Deze taalopenheid van het Hebreeuwse alfabet bestaat uitsluitend uit medeklinkers en dat kan soms verrassende variaties opleveren. Zo kan de lettergroep, Aleph, Daleth, Mem gelezen worden als ‘ádám, maar ook als ‘edom. Door al de openingen is het Hebreeuws met recht een doorlaatbare taal te noemen, een taal die als geen ander geschikt is om het Woord door te laten: om voertuig te zijn voor de uitbundige, veelzijdige, veelkleurige openbaring van de God van Israël. Dit onderstreept opnieuw het grote belang van een rechtstreekse toegang tot de brontekst. Geen enkele vertaling kan deze veelzijdige, veelkleurige rijkdom weergeven.

De bijbel is meer dan alleen een verzameling zinnen: het is ook een woordenboek. Een boek boordevol woorden, die elk hun eigen, unieke waarde hebben: naamwoorden, maar vooral ook werkwoorden. De bijbel is om zo te zeggen een bouwwerk waarvan de stenen woorden zijn. Geen gewone stenen, maar edelstenen: elk woord is als een diamant met tal van schitterende facetten. Door woordstudie kunnen deze edelstenen gaan oplichten in al hun veelzijdigheid en veelkleurigheid. De bijbelse edelstenen zijn zogezegd hol van binnen. Elk woord is een ‘heiligdom’, een heilige ‘kamer’ die uitnodigend voor ons open staat. Een kamer met een ‘vloer’ (grondbetekenis) en ‘zijwanden’ (nevenaspecten). Deze heilige ruimte, deze ‘holle diamant’, nodigt ons uit om binnen te treden, om verwonderd rond te zien naar de kleurrijke mozaïeken maar vooral om het Woord Zelf te ontmoeten, om in de ‘Schriftgeworden Stem’ de Stem Zelf te horen: ‘Hoor Israël!’ De bijbel is een volstrekte eenheid. Het zijn verschillende teksten die door één Meesterhand zijn geschreven tot één literair geheel.

Elke letter heeft een zinvolle naam, een naam waarin één of meerdere betekenissen schuil gaan. Zo betekent de naam ‘Aleph’, de eerste letter, voortrekker of eersteling en de naam ‘Beth’, de tweede letter, huis. Deze betekenissen laten zich aaneenrijgen tot een verhaal, tot verschillende verhalen. De eerste 9 letters vertellen het verhaal van de uittocht uit Ur (geboortehuis), de tweede 9 letters vertellen het verhaal van de uittocht uit Egypte (diensthuis) en de laatste 4 letters de uittocht uit Babel (eigen huis). Deze uittochtverhalen vormen de kern van de bijbelse geschiedenis van het volk van Israël. In de eerste plaats wordt men er voortdurend aan herinnerd dat men niet bezig is één of andere oude cultuurtaal aan het leren maar de taal van God. In de tweede plaats functioneren de uittochtverhalen als een kader waarbinnen op een logische wijze tal van bijbelwoorden ter sprake komen, in nauwe samenhang met de letterbetekenis. Zo worden aan de ‘eersteling’, de Aleph, gekoppeld de woorden: ‘Elohim’ (God, de Eerste), ‘Adam’ (de eerste mens), ábh en ‘ém (vader en moeder, de eersten in het gezin); en aan de Beth, huis, de woorden: ben en bath (zoon en dochter). Het Hebreeuws wordt van rechts naar links geschreven in plaats van links naar rechts. De woorden worden niet op een denkbeeldige onderlijn geschreven maar hangen aan een denkbeeldige bovenlijn. Het Hebreeuws begint buiten zichzelf en de schrijver laat de woorden naar zich toe komen. ‘Wat komt van de Andere Kant naar mij toe?’, ‘Wat is gezegd?’ en ‘Wat staat er geschreven?’ Het woord Hebreeuws (van het werkwoord ‘ábhar) betekent letterlijk ‘komend van de Overkant’. De bijbel is van Bovenaf naar ons toegekomen, van de Overkant. De schrijfwijze van rechts naar links loopt ook parallel met de maan. De maan neemt vanaf nieuwe maan eerst toe en dan af, van rechts naar links. De 2 maanfeesten: Pesach en Sukkot beginnen beiden bij volle maan, op de 15e van de maand. Het bijbelse jaar is een maan-jaar. Het is een doorlopende herinnering aan het Licht dat van Buitenaf naar ons toegekomen is.

Laat een commentaar achter

Zoeken

Column

Sagrada Familía in Barcelona

Enige tijd geleden zijn we enige dagen in Barcelona geweest. Een prachtige stad. De prachtige kathedraal de Sagrada Família was voor mijn vrouw en ik het absolute hoogtepunt. In 1883 begon de architect Gaudí zijn levenswerk. Nu 138 jaar later genieten miljoenen mensen per jaar van deze nog steeds onvoltooide kerk. Indrukwekkend is de schitterende […]

576183 bezoekers sinds 07-06-2010