Zonder bruiloftskleed

25-02-2017 door Dr. K.D. Goverts

Matth.22:12: “Toen de Koning binnentrad om hen, die aanlagen, te overzien zag Hij iemand, die geen bruiloftskleed aanhad. En Hij zeide tot hem: Vriend, hoe zijt gij hier gekomen zonder bruiloftskleed?” Als de Koning binnenkomst verstomt het geroezemoes. Hij kijkt het gezelschap aan. Iedereen is verbaasd dat hij uitgenodigd is. Zij zien de Koning, dat is het hoogtepunt. In het denken van de Christen is vaak wat we ‘krijgen’ in de hemel vaak het belangrijkste, maar het gaat erom wat wij nu mogen ‘zijn’ en Hem zullen zien. De Hebreeënschrijver houdt ons ook voor dat dit nu al geldt: “Laat ons oog daarbij {alleen} gericht zijn op Jezus, de Leidsman en Voleinder des geloofs, Die, om de vreugde, welke vóór Hem lag, het kruis op Zich genomen heeft, de schande niet achtende, en gezeten is ter rechterzijde van de troon Gods” {Hebr. 12:2}. Het zien op en naar de Here Jezus doet ons – ook in moeilijke omstandigheden – beseffen dat wij, hoe dan ook, feestgangers zijn in een feestloze wereld. Want het gaat om de vreugde van het uiteindelijke thuiskomen, op je bestemming komen. Dat is pas feest! Want het is niet zo, dat wij de enigen zijn die met heimwee wachten, ook de Ander wacht. Hij wacht op ons. Dat is het diepste geheim van de wereld: dat God op ons wacht. En al voelen wij ons het duister, daardoor staan we al in Gods licht en dat vervult de Christen met vreugde, want hij staat in het licht dat al naar buiten stroomt uit de Feestzaal, al voert zijn weg nog een donker dal. Hij kan daarom bedroefd zijn, maar toch blij; hij mag arm zijn, maar is steenrijk en mag anderen laten delen in die rijkdom; hij mag niets bezitten, maar is “de erfgenaam van God en mede-erfgenaam van Christus” {Rom. 8:17} en zal hij alles bezitten!

Het was tot nu een mooi verhaal, maar het lijkt een triest slotakkoord te krijgen. Want als je er niet op gekleed bent, dan vlieg je er weer uit. Er zijn talloze uitleggingen over dit vers. Ze zijn overbekend. Ik beperk me tot de kern. De aanspreektitel is: “Vriend”. Dat begrijpen we al niet. Waar is die toornige Koning? O, maak u maar geen zorgen, die verschijnt in het volgende vers weer op het toneel. Maar vindt u het niet vreemd dat als u in de Bruiloftszaal, de hemel bent, dat u dan alsnog de kans loopt eruit geknikkerd te worden? Zijn we zelfs in de hemel niet zeker of we voldoen aan Gods norm? En als we het volgende vers lezen is het einde nog erger dan het begin. Vers 13 “En hij verstomde. Toen zeide de Koning tot de bedienden: Bindt hem aan handen en voeten en werpt hem uit in de buitenste duisternis; daar zal het geween zijn en het tandengeknars”. Ja, de persoon in kwestie wordt gestraft. Hij wordt niet het paleis uitgegooid om terug te keren naar het kruispunt, maar “de buitenste duisternis” is zijn bestemming. Wie zegt dat dat zijn verdiende loon is, heeft van het Evangelie niets begrepen, want als het gaat om ‘boontje komt om zijn loontje’ komt er geen mens in de bruiloftszaal! Maar boven de wereld klopt een Vaderhart dat ons grenzeloos liefheeft. In ons systematisch denken heeft men in de exegese van deze gelijkenis steeds voortgeborduurd op de mens. En o, wat hebben de laatste verzen en zeker het volgende vers voor een angst gezorgd, die door deze exegese teweeg is gebracht. Maar nu wordt het de allerhoogste tijd om eens onbevangen, zonder ratio, systeem of wat dan ook te lezen wat er staat. Mat. 22:13 is het vervolg van Mat. 21:37-40: “Ten laatste zond Hij Zijn Zoon tot hen, zeggende: Mijn Zoon zullen zij ontzien. Maar toen de pachters de Zoon zagen, zeiden zij tot elkander: Dit is de Erfgenaam, komt, laten wij, Hem doden om Zijn erfenis aan ons te brengen. En zij grepen Hem en wierpen Hem buiten de wijngaard en doodden Hem”. De Zoon wordt verworpen, maar God gaat op de verworpen steen Zijn Koninkrijk (her)bouwen: “De steen, die de bouwlieden afgekeurd hadden, deze is tot een hoeksteen geworden; van de Here is dit geschied, en het is wonderlijk in onze ogen” {21:42}. Uiteindelijk was er maar Eén die geen kleed had: Jezus. Zijn klederen werden bij Zijn kruisiging “verdeeld door het lot te werpen” {Mat. 27:35}. Als de Bruiloft gaat beginnen is er Eén zonder mantel. Net zoals bij Jozef, die én in zijn vernedering en verhoging een schitterend type van de Here Jezus is, zijn mantel werd afgenomen {Gen. 37:31,32}. Niet omdat Hij dat niet wilde, maar het kleed is Hem ontnomen! De aanspraak “Vriend” wordt nu ook iets duidelijker. En als de Here Jezus, want Hij is Degene zonder bruiloftskleed, moet vertellen hoe dat gekomen is, dan zwijgt Hij. Wat had Hij moeten zeggen: Dat is de schuld van al die mensen die hier zitten? Dan had de Koning hen één voor één eruit gegooid en was er Eén op de Bruiloft gebleven, de Enige Die het waard is: onze Heiland en Verlosser! Het is een vreselijk verhaal van wat Hem allemaal is afgenomen. Fil. 2:4-11 beschrijft dat van vernedering tot verhoging. Want omdat Hij zweeg, zoals Jes. 53:7 zegt: “Hij werd mishandeld, maar Hij liet Zich verdrukken en deed Zijn mond niet open; als een lam dat ter slachting geleid wordt, en als een schaap dat stom is voor zijn scheerders, zo deed Hij Zijn mond niet open”. Wat deed Jezus toen de Hoge Raad Hem de gelegenheid gaf Zich te verweren? “Maar Hij bleef zwijgen en gaf niets ten antwoord” {Mark. 14:61}. Jezus zweeg omdat Hij niet wil veroordelen maar het oordeel wil dragen! Wie werd er “gebonden”? Onze Here Jezus. Hij werd gevangen genomen: “En zij sloegen de handen aan Hem en grepen Hem” {Mark. 14:46}. Net als Simson, de laatste richter, werd Hij gebonden, zoals Zedekia, de laatste koning van Israël werd gebonden, zo werd Jezus gebonden om zo “de laatste Adam” {1 Kor. 15:46} te zijn om allen, die in Adam waren verloren gegaan, en dat is de hele mensheid, te redden! Toen Jezus deze woorden uitsprak besefte Hij in de diepste diepte wat het betekende om niet alleen buiten de wijngaard geworpen te worden {Mat. 21:39}, maar zelfs uit de Bruiloftszaal. “Want velen zijn geroepen, maar weinigen uitverkoren”. Er is er maar Eén Uitverkoren! En dat onze Here Jezus Christus, de opgestane Triomfator! En die Uitverkorene is “buitengeworpen in de diepste duisternis” (:13). Alles staat op zijn kop. Het is de omgekeerde uitverkiezing! Jezus wordt uitverkoren om Israël en met hen de hele mensheid te redden! Hij wordt mens (Hebreeuws: ‘Adam’) om zo “de laatste Adam” {1 Kor.15:46} te kunnen zijn. Hij is de grote verzoening en de Grote Verzoendag {Lev.16}. Hij, en Hij alleen is de Zondebok. Johannes 2 begon met een bruiloft waar het feest dreigde vast te lopen; ook in deze gelijkenis dreigt het feest vast te lopen. Eén woord van Hem was voldoende geweest om ons allemaal buiten te werpen. Zoals die Ene Steen het begin wordt van de (her)bouw van het Koninkrijk, zo is die Ene Bruiloftsgast het begin van een nieuwe bruiloft. Mat. 3:15 wordt vervuld: “Laat Mij thans geworden, want aldus betaamt het ons alle gerechtigheid te vervullen”. Hij heeft en houdt onze plaats in de “buitenste duisternis” bezet. Hij is onze Naaste in het donker en de aanleiding voor ons om feestgangers te zijn, maar ook voor de buitenstaanders die zich afvragen op de bodem van hun hart wat de zin van dit korte aardse bestaan is. Wij zouden uit ons zelf niet eens weten hoe wij een bruiloftskleed zouden kunnen krijgen, laat staan hoe we het zouden moeten dragen. De Here Jezus vertelt geen theorie, maar een ander verhaal, want God is anders! De “buitenste duisternis” – Golgotha, de totale Godverlatenheid, zodat wij nooit meer van God verlaten zullen zijn. Dankzij die Ene Uitverkorene gaat het Bruiloftsfeest beginnen op een plaats waar je het nooit zou verwachten met mensen die je daar ook nooit zou verwachten; maar het grootste wonder is dat u en ik daar zullen zijn! Hij bezet de plek in het duister, waardoor wij mogen leven in het licht. Tot slot een opmerking over een te verwachten tegenwerping, namelijk dat er staat “velen zijn geroepen”. Dat zou dan toch een exclusief gezelschap zijn. Maar in het Bijbels denken is het inclusief. Het Hebreeuws kent geen woord voor “allen”. “De velen” is dus inclusief, dus allen, zie bijv. Jes. 53:12. En als u Rom. 5:12-21 goed leest, dan komt u tot dezelfde ontdekking: Eén daad de val voor allen; één daad de redding voor allen {Rom. 5:18}. Het is ook overduidelijk als we de woorden “velen zijn geroepen” tegenover “weinigen uitverkorenen” zetten. Want als de “weinigen” Eén is, dan zijn “velen” ook logischerwijs allen. Maar al die argumenten hebben we niet meer nodig als we niet meer in systemen maar in beelden gaan denken. Dan vervallen alle theorieën en blijft alleen het levende Woord van de levende God over. Nu kunnen we ook de schitterende tekst van Paulus begrijpen: “Hij {=God} heeft ons immers in Hem uitverkoren vóór de grondlegging der wereld” {Ef.1:4}. Vol vreugde gaan wij op weg naar de Bruiloft van het Lam, Die “zal zwijgen in Zijn liefde” {Zef. 3:17}, zodat wij in die onmetelijk grote feestzaal zullen kunnen jubelen: “Het Lam, dat geslacht is, is waardig te ontvangen de macht en de rijkdom, en de wijsheid en de sterkte, en de eer en de heerlijkheid en de lof” {Openb. 5:12}. Het eeuwige feest is voor geopend verklaard en woorden schieten nu nog tekort om de Ene Uitverkorene te danken, wat Hij voor ons heeft overgehad, zodat allen in Hem uitverkoren zijn!

De volledige studie is in boekvorm te verkrijgen bij:

J. Bies

Schaperstraat 104

3317  LR Dordrecht

Tel:078-6510685

Giro 1292693

E-mail jan.bies@kpnplanet.nl

– Prijzen zijn excl. Verzendkosten

– Van elk boek wordt € 2.25 afgedragen aan het Afrika-fonds

Laat een commentaar achter

Zoeken

Column

Machteloze opofferende liefde

Het is Goede Vrijdag, Jezus sterft aan een kruis. Maar waarom? Verhalenverteller en missionair Matthijs Vlaardingerbroek wist precies hoe het zat, totdat een Schotse vreemdeling hem aansprak in een museum. Het is een winterse dag in Glasgow, de stad waar mijn dochter studeert, als ik eindelijk de kans krijgt om het wereldberoemde schilderij “De Christus […]

406156 bezoekers sinds 07-06-2010