Wat is een christen?

08-08-2010 door Joop Neven

“daar wij gehoord hebben van uw geloof in Christus Jezus en van de liefde, die gij al de heilige toedraagt” {Kol.1 vers 4}.

Als Paulus de vraag had moeten beantwoorden: “wat is een christen?” dan had hij daarop geantwoord: “Een mens die gelooft in de Messias”. De apostel zei niet: een christen is een persoon, die zich op zus-of zo manier heeft laten dopen, of: een christen is iemand, die na jarenlange studie zijn instemming met een bepaalde kerkelijke traditie in het openbaar heeft uitgesproken en op die manier “belijdenis heeft gedaan”. Ook zei hij niet: christenen zijn mensen die uit handen van een bisschop het vormsel hebben ontvangen en derhalve de bijstand genieten van de heilige geest. Uit Paulus dankzegging blijkt niet de kerk en een door haar uitgevoerde handeling bepalen wie christen is, maar dat alleen God dat bepaalt. Want hoewel de definitie die Paulus van het christen – zijn geeft in sommige opzichten verbluffend eenvoudig is, is ze in ander opzicht oneindig complex. Geloof in Christus kan geen enkel ritueel en geen enkel onderwijsprogramma ons geven: het is een geschenk van God {Efe.2 vers 9}. Zo is ook “liefde tot alle heilige”geen liefde die uit onszelf voortkomt, maar een deugd die van Goddelijke oorsprong is {Rom.5 vers 5}. Wie haar bezit is uit God geboren {vgl. 1Joh.3 vers 14, 5 vers 1}. In het vervolg van zijn brief zal Paulus nog spreken over de krachteloosheid van inzettingen en over de noodzaak om het Hoofd, Christus, vast te houden {Kol.2 vers 16}. Waarop hebben wij ons vertrouwen gesteld? Op kerkelijke organisaties, eerbiedwaardige tradities, weldoordachte programma’s, gezonde financiële middelen, krachtige leiders en trouwe volgelingen? Of, zoals Paulus dat deed, op de God en Vader van onze Here Jezus Christus? Organisaties kunnen verdwijnen, tradities kunnen afbrokkelen, leiders stellen meestal teleur. In een tijd van vervolging blijft er van het kerkelijk instituut misschien niets over. Kerken kunnen worden platgebrand en op hun financiën kan beslag worden gelegd. Maar geloof dat God zelf aan mensen heeft geschonken ligt vast in het geloof van Jezus, en dat kan niemand afnemen. En de liefde kan door niets worden gedoofd, zelfs niet door de dood. Geen wonder dat Paulus God voortdurend dankte vanwege het goede nieuws dat hij van Epafras had vernomen. Door Gods genade hadden mensen, die vroeger ongelovig waren, een levende band met Christus gekregen, die ruimte en tijd oversteeg. En vanwege Gods ontferming hadden personen die vroeger niets met elkaar te maken wilden hebben – besneden en onbesneden, Grieken en barbaren, armen en rijk, vrije mensen en slaven – elkaar van harte lief gekregen {vgl. Kol.3 vers 11}.

Laat een commentaar achter

Zoeken

Column

Machteloze opofferende liefde

Het is Goede Vrijdag, Jezus sterft aan een kruis. Maar waarom? Verhalenverteller en missionair Matthijs Vlaardingerbroek wist precies hoe het zat, totdat een Schotse vreemdeling hem aansprak in een museum. Het is een winterse dag in Glasgow, de stad waar mijn dochter studeert, als ik eindelijk de kans krijgt om het wereldberoemde schilderij “De Christus […]

410642 bezoekers sinds 07-06-2010