Vijanden van het kruis

27-05-2010 door Joop Neven

“Weest allen mijn navolger, broeders, en ziet op hen, die evenzo wandelen, gelijk gij ons tot voorbeeld hebt. Want velen wandelen – ik heb het u dikwijls van hen gezegd, maar nu zeg ik het ook wenende –  als vijanden van het kruis van Christus. Hun einde is het verderf, hun god is de buik, hun eer stellen zij in hun schande, zij zijn aardsgezind” {Fil. 3 vers 17-19}.

Vrijbuiters of wetspredikers?

De uitleg waarmee ik vertrouwd was komt op het volgende neer. Paulus keert zich hier tegen mensen die wetten of leefregels aan hun laars lappen, ongeregelde vrijbuiters. Genotzuchtige lieden die hun eigen belang op de voorgrond stellen. Zelfverloochening kennen ze niet – daarom zijn het vijanden van het kruis. Eten en drinken zijn voor hen de hoofdzaak – daarom is hun god de buik. Moeite ontwijken ze zoveel mogelijk en op hun voorspoed gaan ze prat, en zijn op allerlei gebied aardsgericht. In preken klinkt deze uitleg dikwijls door. Wij, als gelovigen moeten oppassen voor genot en plezier, want voor je het weet ben je er een slaaf van, en is de buik je god geworden. Het is maar het beste om zo min mogelijk te genieten en nergens op in te gaan. We zijn immers burgers van een rijk in de hemelen en daardoor vreemdelingen en bijwoners op aarde Deze uitleg lijkt aannemelijk. Maar is dat ook zo?

Een andere veel betere uitleg is die van Ds. H Amelink.

“Het gaat niet over mensen die lekker eten en drinken belangrijk vinden, maar mensen die leerden dat je om behouden te worden, ook de spijswetten van Mozes moest onderhouden. De spijswetten en de besnijdenis. Als je het altijd hebt over wat je wel en niet mag eten en daarin je behoud zoekt dan heb je het over je buik en dan is de buik je tot god geworden. En als je het altijd hebt over de besnijdenis en daarin je behoud, dan stel je je schande tot eer. Het zal duidelijk zijn dat de verklaringen lijnrecht tegenover elkaar staan. Volgens de studiebijbel zou Paulus wetteloze van het kruis hebben aangeduid. Maar volgend ds. Amelink bedoelde hij daarmee juist ijveraars voor de wet! Om vast te stellen wie het bij het rechte eindheeft kunnen we in de eerste plaats naar het tekstverband kijken. Vervolgens kunnen we nagaan, wie Paulus in zijn andere brieven als “vijanden van het kruis”, “dienaars van de buik” en “aardsgezinden” heeft aangeduid. Tenslotte zouden we kunnen onderzoeken, welke houding de Here Jezus tegenover eten en drinken heeft aangenomen.

Het tekstverband.

Wat het eerste betreft: Paulus bevond zich in Rome in de gevangenis {Fil.1 vers 12-13 en 4 vers 22}.Tijdens zijn afwezigheid was er in de door hem gestichte gemeente verwarring ontstaan. Er waren mensen die Christus predikten zoals Paulus dat graag wilde zien: uit liefde en met goede bedoelingen. Maar velen predikten Christus uit nijd en twist uit eigenbelang, onzuiver, met de bedoeling om Paulus gevangenschap extra zwaar te maken{Fil.1 vers 15-17}. Vreemd genoeg heeft de N.B.G. vertaling in vers 17 het met “uit eigenbelang” vertaald, terwijl er in de grondtekst over rivaliteit of partijzucht wordt gesproken. Blijkbaar verkondigde die partij wel, dat Jezus de Messias is, maar haar prediking was niet in overeenstemming met “het geloof van het evangelie” Want Paulus schreef, dat de Fillippenzen moesten “meestrijden met het geloof van het evangelie en zich in geen enkel opzicht door de tegenstanders schrik moesten aanjagen” {Fil.1 vers 27-28}. De apostel waarschuwde in Fil.3 vers 2-3}. Let op {d.w.z. kijk uit voor} de honden, let op de slechte arbeiders, let op de versnijdenis. Want wij zijn de besnijdenis, die door de Geest Gods hem dienen, die in Christus Jezus roemen en niet op vlees vertrouwen. Dan volgt de tekst over de vijanden van het kruis. Tenslotte gaf Paulus opdracht om “vast te staan in de Here” {Fil. 4 vers 1}. Gezien zij uiteenzetting in Fil. 3 vers 1-11 bedoelde hij daarmee: om alles alléén van de Here te verwachten en niet van je gehoorzaamheid aan de Mozaïsche wet. Als we de overige brieven van Paulus in beschouwing nemen, dan blijkt het volgende. Wie de gemeente inzettingen oplegt, laat het kruis los.

Aan de Galaten schreef Paulus:

Allen, die zich uiterlijk goed willen voordoen, trachten u te dwingen tot de besnijdenis, alleen om niet vervolgd te worden ter wille van het kruis van Christus {Gal.6 vers 12}Wie zich liet besnijden, ging over tot het Jodendom. En de Joods religie werd door de overheid toegestaan. Door je te laten besnijden kon je aan vervolging ontsnappen. Want dan behoorde je niet langer tot en onbekende sekte, maar je beleed een godsdienst die door de overheid werd erkend. Uit deze tekst blijkt, dat men het kruis van Christus loslaat wanneer men aan niet-Joden de besnijdenis predikt {vgl. Gal. 5 vers 11 en 9-6 vers 14-16}.

Wie de gemeente spijswetten oplegt, verheft de buik tot god. Mensen, wier god de buik is, noemt Paulus ook in zijn brief aan de Romeinen. In de betreffende passage merkt hij op: Maar ik vermaan u, broeders, dat gij hen in het oog houdt, die in afwijking van het onderwijs, dat gij hebt ontvangen, de onenigheden en de verleidingen veroorzaken, en mijdt hen. Want zulke lieden dienen niet onze Here Jezus Christus, maar hun eigen buik, en misleiden door hun schoonklinkende en vrome taal der argeloze {Rom.16 vers 17-18}. Blijkbaar ging het niet om vrijbuiters, maar juist om mensen die vroomheid predikten.

De vroomheid waartoe zij opriepen was echter niet in overeenstemming met wat Paulus had onderwezen: dat God de besnedene zal rechtvaardigen uit het geloof en de onbesnedene door het geloof {Rom.3 vers 30}. Wie de gemeente reinheidsvoorschriften oplegt, is aardsgezind. In zijn brief aan de Kolossenzen geeft Paulus nadere uitleg betreffende aardsgezindheid. Leden van Christus mogen “de dingen die op aarde zijn niet bedenken” want zij “zij gestorven en hun leven is verborgen met Christus in God”{Kol.3 vers 1-2}. Uit dit heilsfeit trok Paulus de conclusie: Indien gij met Christus afgestorven zijt aan de wereldgeesten, waartoe laat gij u, alsof gij in de wereld leefdet, geboden opleggen; raak niet, smaak niet, roer niet aan? {Kol.2 vers 20-21}. “Aardsgezinden”, d.w.z. christenen die “de aardse dingen bedachten”, wilden de gemeente regels opleggen, die haar reinheid moesten waarborgen.

Ter afsluiting van dit artikel nogmaals ds. Amelink. Hij schrijft: “Het is zinvol zich af te vragen waarom Paulus deze mensen vijanden van het kruis noemt. Er staat zelfs de vijanden van het kruis. Het waren mensen van de optelsom. Ze leerden Jezus én nog iets: de onderhouding van de besnijdenis en de spijswetten. Zo wordt het behoud vrucht van het werk van Christus en van de mens zelf…. Dan is men de vijand van het kruis. Want dan ontkent men het feit, dat Hij alles heeft betaald, dat Hij alle gerechtigheid heeft vervuld.. Als Paulus zijn lezers en zichzelf volmaakt noemt {Fil.3 vers 15, Kol. 1 vers 28}, dan heeft dat niets te maken met morele volmaaktheid of verstandelijke volmaaktheid, maar dan is dat de volmaaktheid van Christus, de volkomenheid van het werk door Hem volbracht…

Zolang we naast Christus nog een wet prediken zal je nooit de rust vinden, die de genade boodschap geeft.

Commentaren zijn gesloten.

Zoeken

Column

Machteloze opofferende liefde

Het is Goede Vrijdag, Jezus sterft aan een kruis. Maar waarom? Verhalenverteller en missionair Matthijs Vlaardingerbroek wist precies hoe het zat, totdat een Schotse vreemdeling hem aansprak in een museum. Het is een winterse dag in Glasgow, de stad waar mijn dochter studeert, als ik eindelijk de kans krijgt om het wereldberoemde schilderij “De Christus […]

397297 bezoekers sinds 07-06-2010