Verschil tussen Israël en de Gemeente

27-05-2010 door Joop Neven

De gelovige hebben nú al rechtstreeks toegang tot de Vader, in tegenstelling tot de volkeren straks, in het komende Rijk. De volkeren hebben dán niet rechtstreeks toegang tot God, maar alleen via het priesterschap van Israël. De rechtstreekse toegang tot God nú, wordt geïllustreerd in de nieuwe schepping.

Voor ons geldt nú al dat het oude voorbij is gegaan! {2Kor.5 vers 17}. Voor ons geldt nú al dat het nieuwe is gekomen! Voor Israël echter zal het nieuwe pas komen na het 1000-jarig- Rijk; in de nieuwe schepping van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde, waar het oude {de eerste dingen} voorbij is gegaan, en alles NIEUW gemaakt zal worden. Voor deze tijd geldt. “Want gij allen, die in Christus gedoopt zijt, hebt u met Christus bekleed. Hierbij is geen sprake van Jood of Griek, van slaaf of vrije, van mannelijk of vrouwelijk: gij allen zijt immers één in Christus Jezus” {Gal.3 vers 27-28}. “want in één Geest zijn wij allen in één lichaam gedoopt, hetzij Joden, hetzij Grieken, hetzij slaven, hetzij vrijen; allen zijn wij met één Geest gedrenkt” {1Kor.12 vers 13}. “Want besneden zijn of niet besneden zijn betekent niets, maar of men een nieuwe schepping is” {Gal.6 vers 15}.

Verdere verschillen zijn:

– Petrus schrijft aan de Joden-Christeren in 1Petr.1 vers 13

“….en verlaat u volkomen op de genade, die in de onthulling van Jezus Christus gebracht wordt.”

– Paulus tekent ons een hoger plan met een nog grotere zekerheid:

“Wij dan, gerechtvaardigd uit het geloof, hebben vrede met God door onze Here Jezus Christus, door wie wij ook de toegang hebben verkregen, in geloof, in deze genade waarin wij staan, zodat wij ons mogen roemen in de verwachting op de heerlijkheid Gods.” {Rom.5 vers 1-2}. Voor hen, aan wie Petrus schreef, is de genade een toekomstige verwachting! Wij echter staan reeds in genade, als datgene wat wij reeds bezitten!

– Petrus verwacht naar Zijn belofte de nieuwe schepping; van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde {1Petr.3 vers 13}, waarin het oude voorbij zal zijn, en alles nieuw zal zijn

– Paulus zegt: voor ons is in Christus de nieuwe schepping reeds een feit! Voor ons is het oude al voorbij, en is alles al nieuw geworden.

Dit zijn zomaar een paar verschillen, waar leren de profeten bijvoorbeeld dat Jood en heiden één zullen zijn en de verschillen tussen beiden weg zouden vallen?

Of dat Christus het Hoofd van de gemeente – Zijn Lichaam – zou worden?

Of dat de gelovige uit de volkeren tezamen met gelovige uit Israël een Hemelse bestemming zouden krijgen? Of dat zij in Christus volmaakt zouden zijn?

En waar lezen we van de volkeren dat zij een nieuwe schepping zouden zijn? Of van de volledige verzoening van alle mensen? Al deze dingen vinden we alleen bij Paulus!

Geen wonder ook, want God moest het eerste nog onthullen. Het zijn verborgenheden – geheimenissen – welke God niet eerder openbaarde dan toen het volk Israël terzijde was gesteld.  De vervulling van de profetie met betrekking tot Israël en de volkeren der aarde werd uitgesteld en God gaf nieuwe openbaringen! De apostel Paulus werd geroepen voor de natiën om in het licht te stellen wat de bedeling van het geheimenis inhoudt {Ef.3 vers 8-9}.

Wij hebben nu beide dingen, de toekomende voltooiing van de eenheid van Christus Lichaam enerzijds, en de toekomstige verzoening van de gehele schepping anderzijds {Col.1 vers 20}

 

Commentaren zijn gesloten.

Zoeken

Column

Machteloze opofferende liefde

Het is Goede Vrijdag, Jezus sterft aan een kruis. Maar waarom? Verhalenverteller en missionair Matthijs Vlaardingerbroek wist precies hoe het zat, totdat een Schotse vreemdeling hem aansprak in een museum. Het is een winterse dag in Glasgow, de stad waar mijn dochter studeert, als ik eindelijk de kans krijgt om het wereldberoemde schilderij “De Christus […]

406173 bezoekers sinds 07-06-2010