Techniek

28-05-2010 door Huib Neven

Het wordt nooit wat tussen de mens en de techniek. Een huwelijk dat voortdurend onder spanning staat. Als onze draadloze deurbel weigert, dan duw ik eens een paar keer met quasi deskundige air op het weigerende knopje, maar plak er ten einde raad een briefje op met de mededeling dat de bezoekers maar even op de ruit moeten tikken. Als mijn vrouw mij bij de haperende wasmachine roept, kijk ik hulpeloos naar knoppen en gebruiksaanwijzing en adviseer tenslotte om de wasplank en tobbe maar weer in ere te hertellen. Over de computer waar ik dit stukje op zit te tikken, wilde ik het maar helemaal niet hebben. Zolang die werkt, is het handig, maar zodra dat niet het geval is, begin ik op allerlei toetsen te hameren, wat in de meeste gevallen de apparatuur nog meer in verwarring brengt. Een paar dagen geleden liet onze auto het afweten. “Sleutelstoring” gaf het display aan. Want ons leven speelt zich tegenwoordig af op de display. Daarop zien we wat er aan de hand is. Alleen zijn daarmee de problemen niet opgelost. Die oplossingen liggen voor een eenvoudig gebruiker ver buiten bereik. We hebben geen greep meer op de dingen om ons heen.

Nee, de mens is niet geschapen voor de techniek. Toch zijn we tot elkaar veroordeeld. Van de elektronische wekker bij het opstaan tot de elektrische tandenborstel bij het naar bed gaan. We zijn slaaf geworden van de chip, die ons de regie van het bestaan uit handen heeft genomen. Wat voor desastreuze gevolgen dat kan hebben, bleek kortgeleden in de modder bij Schiphol. De techniek is inmiddels zover gevorderd, dat die enorme vliegtuigen met aan boord soms honderden passagiers het wel zonder de mens kunnen klaren. De “ automatische piloot” regelt alles. Ga maar lekker slapen. De techniek neemt de leiding over van de gezagvoerder, zelfs de verantwoordelijkheid van een vliegtuig vol nietsvermoedende reizigers.

Ik kan me zo goed voorstellen dat je je waakzaamheid verliest als de automatische piloot het bijna altijd bij het rechte eind heeft. Je geeft je over aan die bijna perfecte apparatuur en je vergeet te letten op een hoogtemetertje dat een verkeerde stand doorgeeft. Doordat we ons hebben uitgeleverd aan de techniek, degraderen wij inderdaad tot automatische piloten, die essentiële menselijke eigenschappen verliezen en als willoze slachtoffers achter de automatisering aansjokken.

Als de kassa het begeeft, gaat de supermarkt dicht, want niemand kan meer rekenen en optellen. Als de magnetron het niet meer doet, zijn we gedoemd te verhongeren. Als de stroom uitvalt worden we niet wakker en kunnen we onze tanden niet poetsen. En als een klokje in het dashboard van slag is, stort het toestel neer. Dat is onze status quo,  het resultaat van een technische vooruitgang die niet is toegesneden op de menselijke maat. De mens en de techniek, dat is altijd oorlog. Eigenlijk moeten we weer gewoon terug naar de natuur. Nou, dat hebben we pas gedaan. Net als ongeveer de helft van alle zestig-plussers zijn we het Pieterpad gaan lopen. U weet wel, die lange afstandswandeling van Pieterburen in Groningen naar de St. Pietersberg in Limburg. Het is echt een manier om even los te weken van een technologische wereld. Het losweken moet u in dit geval maar erg letterlijk nemen, want op de eerste dag kwam het hemelwater met bakken naar beneden. Opgeborgen in regenwerend plastic liepen we door een verlaten landschap van omgeploegde kleiakkers en weilanden die drassig en geduldig op dartel voorjaarsvee lagen te wachten. Omringd door grauwe muren van mist, waartegen de kale boomtakken met grillige pennenstreken hun eigen troosteloze verhaal schreven, waren we aan onszelf overgeleverd en hadden alle gelegenheid om te bedenken hoe het leven zonder techniek zou zijn. Af en toe passeerden we een gehucht met een statige herenboerderij, een paar rustieke huizen en een gesloten bakstenen kerkje dat het boerengeloof van eeuwen voor zichzelf leek te willen houden. Toen  een vriendelijke Groningse mevrouw ons in haar keuken een heerlijke kop groentensoep voorzette, leken we de techniek en de kredietcrisis achter ons gelaten te hebben. Een mens moet lopen, niet rijden en vliegen. Maar na 30 kilometer landelijk wandelen, liepen we de stad Groningen binnen. We moesten uitkijken niet door de techniek van de sokken te worden gereden. Later stapten we zelf in de auto en bracht de tomtom, dat wonder van techniek, ons netjes naar huis.

Want de mens en de techniek, ze kunnen niet met elkaar en niet zonder elkaar.

Commentaren zijn gesloten.

Zoeken

Column

Machteloze opofferende liefde

Het is Goede Vrijdag, Jezus sterft aan een kruis. Maar waarom? Verhalenverteller en missionair Matthijs Vlaardingerbroek wist precies hoe het zat, totdat een Schotse vreemdeling hem aansprak in een museum. Het is een winterse dag in Glasgow, de stad waar mijn dochter studeert, als ik eindelijk de kans krijgt om het wereldberoemde schilderij “De Christus […]

391322 bezoekers sinds 07-06-2010