Iesj, issjah en de Godsnaam JH

07-07-2010 door Joop Neven

Met iesj en issjah, man en mannin, man en vrouw, is iets bijzonders aan de hand. Bij iesj zit in het midden een “jod” { י }en de jod is iets wat herinnerd aan de Godsnaam. Issjah eindigt op een hee {ה} en dat herinnert ook weer aan de Godsnaam, want als je de J en de H achter elkaar zet, heb je al een verwijzing naar de verkorte naam van God {JH}. Als je nu uit de man, uit iesj, de jod weghaalt, staat er eesj en dat betekent “vuur”. Als je uit het woord issjah de laatste letter, de hee weghaalt, houd je over: eesj, “vuur”. In beide gevallen geldt: als je uit de man en uit de vrouw de naam van God {JH} weghaalt, houd je alleen maar vuur over, een vlam. Het is alleen een vlam die zichzelf verteert en verbrand. Het is een verzengend vuur, alleen maar iets wat verwoesting en verderf brengt. Daarom kunnen man en vrouw alleen met elkaar functioneren als ze samen de Godsnaam met zich meedragen, de jod bij de man en de hee bij de vrouw en dat opgeteld vormt de naam van God. Alleen als ze sámen dat Godsgeheim met zich meedragen, wordt het vuur tot een licht. Dan zal het lichtgevend zijn, maar dan is het ook een geheiligd vuur. Dan zal het een vlam zijn, die wel brandt, maar niet verteert. Zoals de vlam bij het brandende braambos.

Laat een commentaar achter

Zoeken

Column

Machteloze opofferende liefde

Het is Goede Vrijdag, Jezus sterft aan een kruis. Maar waarom? Verhalenverteller en missionair Matthijs Vlaardingerbroek wist precies hoe het zat, totdat een Schotse vreemdeling hem aansprak in een museum. Het is een winterse dag in Glasgow, de stad waar mijn dochter studeert, als ik eindelijk de kans krijgt om het wereldberoemde schilderij “De Christus […]

384776 bezoekers sinds 07-06-2010