Het woord ‘adam’

07-01-2014 door Joop Neven

Het woord ‘adam wordt in de rabbijnse tradities op twee manie­ren ver­staan: allereerst als een letterwoord: de aleph staat voor ‘epher: stof, de daleth voor dam: bloed; de mem voor: marah, gal. Zo wordt aan­­geduid dat de mens (‘adam is mens, niet ‘man’; voor ‘man’’ heeft het Hebreeuws een ander woord: ‘isj) een wezen is van vlees en bloed.

Maar er is nog een tweede uitleg: ‘adam wordt ook verbonden met de woorden: ‘eddame la’eljon: ik gelijk op de Allerhoogste. De mens is beelddrager van God.

Daarnaast is er nog de verwantschap tussen ‘adam (mens) en ‘ada­mah (akker); de mens is uit de akker genomen. In Genesis 2:7 horen we twee fundamentele punten: de mens is ‘stof uit de akker’, niet wat het NBG vertaalt: van stof; er staat niet: “De HERE God for­meerde de mens van stof”. Maar er staat: “De HERE God formeerde de mens: stof uit de aardbodem”. (‘a­damah, akker); dat is het beeld van totale afhankelijkheid. En: “Hij blies de adem des levens in zijn neus”.  Dat wil zeggen dat menszijn is: leven op de adem Gods. Dus ‘adam is mens; voor de man moeten we naar andere begrippen om­zien.

 

Laat een commentaar achter

Zoeken

Column

Pinksteren

Pinksterfeest De dag begint zoals alle gewone dagen. Het dorp komt langzaam op gang. Mensen ontwaken en gaan op weg of blijven thuis, net waar het leven hen roept. Het belooft een mooie dag te worden. De zon krijgt alle ruimte. Een blauwe lucht, hier en daar wat wolkjes, maar verder is de hemel open. […]

530931 bezoekers sinds 07-06-2010