Het offer van Jezus

25-05-2010 door Joop Neven

Spreekbeurt gehouden op 28 augustus 2005 in de Vrije Evangelische Gemeente te Zeist

Fillp.2 vers 5-11 en Lucas 23 vers 3. Aan het offer van Jezus zit ongelofelijk veel vast. Een belangrijk punt is dat je zicht krijgt op wat een offer nu eigenlijk is. Eén van de problemen die zich hierbij voordoen is, dat wij denken vanuit een Romeinse achtergrond. Daar komt dat woord offer dan ook vandaan. In veel godsdiensten heerst de gedachte: die goden willen wat hebben. De Romeinen hadden daar een bepaalde zegswijze voor; Ze zeiden: ik geef opdat gij geeft. Ik geef wat aan de goden opdat zij dan wat zullen geven aan mij. Zo van voor wat, hoor wat. Ook in het christendom zijn die gedachten rondom de verzoening. Ook God moet blijkbaar tevreden worden gesteld. Als je nu het Hebreeuwse woord voor offer gaat kijken, dan sta je verbaasd. Het Hebreeuwse woord voor offer is korban en dat betekent toenaderen. Dat Hebreeuwse woord voor offer geeft dus meteen een heel andere inhoud aan de zaak. Het gaat er bij God dus niet om wat moet ik Hem aanbieden, maar hoe krijg Ik een toenadering. Hoe kan ik nader komen tot Hem. Het mooiste vind je vooral in het boek Leviticus, daar zie je dat de toenadering van God uitgaat. God creëert de toenadering. Het typische van de afgoden is, dat ze zeggen: je ziet maar dat je boven komt. Maar de God van Israël zegt: ..ik schep de vrucht der lippen, vrede, vrede voor hem die verre, en voor hem die nabij is.. {Jes.57 vers 19}. Let op de volgorde: eerst degene die ver is en dan degene die nabij is. God zoekt voortdurend de toenadering. Zo ligt in het volbrachte werk van Jezus een volkomen toenadering naar de Vader. We zullen trachten zicht te krijgen op het geheim van Jezus, wat nu zijn diepste bedoeling is geweest. Toen Jezus als mens op aarde was, was Hij het beeld van God ten voeten uit. Wie Hem zag, zag de Vader. Hij was volledig het beeld van God. Toen Hij in die gestalte van God was, heeft Hij het Gode gelijk zijn niet als een roof geacht. Een andere vertaling zegt: Hij heeft zich niet vastgeklampt aan het gelijk zijn aan God. Dat had Hij kunnen doen. Houdt afstand want Ik ben onbesmet, Hij had zich vast kunnen klampen aan zijn positie. Maar Hij heeft zich niet angstvallig vastgeklampt aan dat Gode gelijk zijn. Sterker nog; Hij heeft zichzelf ontledigd. {Fillp2 vers 7}. Daarover zijn nogal wat misverstanden. In een kerstlied staat: “het goddelijke kind, Gods zoon, in een menselijk kleed”. Jezus, zou dus een menselijk kleed hebben gehad. En dat krijg je de suggestie: dat was dan alleen maar de verpakking, maar eigenlijk was Hij iets anders. Van binnen was Hij toch een beetje van een anderen orde. Hij had dus, zegt men dan, alleen maar een menselijk kleed aan. Hij zag er wel uit als een mens, maar eigenlijk was Hij God. Hij kon heel wat wonderen doen omdat Hij God was. Dat kerstlied is toch niet Bijbels. Jezus had maar niet alleen een menselijk kleed, maar hij was werkelijk mens, doch zonder zonde. Als mens wandelde Hij op het water. Als mens deed Hij wonderen. Als mens heerste Hij over de demonen. Als mens ging Hij de weg voor allen, als de Voorganger. In de Hebreeënbrief staat daar zo’n prachtig woord voor: de prodromos, de voorloper, de voorganger, de voortrekker. In Openb. wordt veel gesproken over het Lam, het woord arnion. En dat woord betekent ook belhamel. Dat is het schaap dat voor de kudde uitloopt met een bel om zijn nek, de leider. De hamel die voor de kudde uittrekt. Daarom wordt Hij in Openb. genoemd de eerstgeborene  van de doden. Heel de kudde komt achter Hem aan. Hij heeft zichzelf ontledigd betekent niet: Hij was eerst God en dat heeft Hij toen afgelegd. Nee, als mens heeft Hij zich ontledigd. Dat woord is letterlijk een citaat uit Jesaja 53 vers 12. “Hij heeft zijn leven uitgegoten in de dood. Er staat het woord “ziel, zijn hele bestaan, zijn hele mens zijn. Hij heeft zichzelf uitgegoten. Hij heeft zich niet vastgeklampt aan “wat heb Ik nu”, maar Hij heeft zich weggegeven. Direct er achter aan staat”Hij heeft de gestalte van een diensknecht aangenomen {vers 6.} Hij was in de gestalte van God volkomen het beeld van God vers 5, en als tegenpool gestalte van een dienstknecht. Die twee komen samen in Jezus. Dat was voor Hem een keuze, Hij heeft die gestalte aangenomen. Van zijn twaalfde tot zijn dertigste heeft Hij in de synagoge gezeten. Hij heeft de woorden in zich opgenomen en zo is Hij door een bewuste keuze dienstknecht geworden, en aan de mensen gelijk geworden. Hij was in de gestalte van God volkomen het beeld van God, en als tegenpool gestalte van een knecht. “in zijn houding als mens bevonden.. “. Let op dat woord bevonden. Zijn houding was van een mens. Ze hebben Hem op allerlei manieren uitgetest, maar Hij bleef mens. In heel zijn houding, dat is dus niet alleen uiterlijk, was Hij mens. Hij heeft zich vernederd, Hij heeft de onderste plaats ingenomen, Hij is gehoorzaam geworden tot in de dood. Zelfs aan het kruis is Hij nog één en al oor. Hij regelt nog onderdak voor zijn moeder bij Johannes. Op dat moment in de meest heftige lichamelijke en geestelijke strijd, heeft hij nog alle aandacht voor de naaste. Heel de last van de wereldgeschiedenis op je nek en toch bidden: Vader, vergeef het hun want ze weten niet wat ze doen. Daarom heeft God Hem uitermate verhoogd {Fillp.2 vers 9}. Er staat niet daarna maar daarom. Anders ga je weer denken, Hij was dienstknecht, maar er kwam iets beters. Uitermate verhoogd; maar dan zou “dienen” eigenlijk een mindere positie betekenen. Dan zou dienen uitermate laag zijn. Na de 33 jaar gaan we in de eeuwigheid weer wat anders doen. Dat dienen is gelukkig maar van tijdelijk aard. Nee, God is intens met Zijn Zoon, Hij zegt die knecht ga Ik verhogen. Deze mens, deze dienstknecht ga Ik verhogen. Dus bij God staat bovenaan: de dienstknecht. Niet de dienstknecht die vervolgens directeur wordt. Niet; van dienen naar de lakens uitdelen. Niet de dienstknecht die dienstknecht af is. Want Jezus Christus is niet uitgediend. Hij gaat niet lauweren rusten. De dienstknecht wordt verhoogd zoals Hij is, in zijn wezen. God vertrouwt Hem het koningschap toe. Want zo iemand kan je rustig alle macht geven. Hij heeft Hem de Naam gegeven boven alle naam. ..opdat in de naam van Jezus zich alle knie zou buigen van hen, die in de hemel en die op de aarde en die onder de aarde zijn.. {Fillp.2 vers 1}. Dus heel de schepping….en alle tong zou belijden: Jezus Christus is Here, tot eer van God de Vader! {Fillp.2 vers 11}. Als men deze dienstknecht gaat erkennen, dan wordt God verheerlijkt. In dit Bijbelgedeelte wordt dat helemaal ten voeten uit getekend. Dat is nu de weg van het offer. Welke kant gaat dat offer nu op? En dan wordt er gezegd, en dat is die oude gedachte: Dat offer wordt aangeboden aan God. Maar toch ontdek je in de Bijbel in wezen een andere lijn namelijk: HET GAAT VAN GOD UIT! Hij doet het. Hij biedt het aan. In feite kun je zeggen: God heeft die volmaakt mens, die volmaakte dienstknecht, gevonden. En dan zegt God: Die bied Ik nu aan de mens. God biedt wat aan. God wil ons dienen met Zijn offer Jezus Christus. ..God was in Christus de wereld met Zichzelf verzoenende {2Kor.5 vers 19}. Die verzoening ging van God uit. Dat offer bewerkt niet iets bij God, maar het bedoelt iets te bewerken bij ons. Jezus heeft zichzelf uitgegoten, weggeven, om daarmee verzoening te bewerken. We moeten bedenken dat Christus niet zomaar stierf. Hij stierf “de dood, ja de dood des kruises”. Waardoor de prijs die Hij betaalde dus nog oneindig veel hoger werd! Aan het kruis werd zichtbaar wie de mens is nl: een vijand van God. Maar juist tegen deze achtergrond, straalde Gods liefde als nooit tevoren! Het kruis is daarmee het ultieme bewijs van Gods liefde. “God echter bewijst zijn liefde jegens ons, doordat Christus, toen wij nog zondaren waren, voor ons gestorven is” {Rom.5 vers 8}.

 “En Jezus zeide: Vader, vergeef het hun, want ze weten niet wat zij doen” . Lucas 23 vers 33.

Weinig woorden in het NT drukken de liefde van Jezus uit dan het kruiswoord: “Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen”. Dit is liefde in haar puurste vorm. We zullen de grootheid van deze woorden niet kunnen verstaan als we niet eerst aandacht schenken aan het woordje “en” waarmee de tekst begint. In het voorgaande vers staat: ”En toen zij aan de plaats gekomen waren, die Schedel genoemd wordt, kruisigde zij Hem daar en ook de misdadigers, de ene aan zijn rechterzijde en de andere aan zijn linkerzijde”. Dan spreekt Jezus: “Vader, vergeef het hun”  Lucas 23 vers 33. Terwijl Hij in de dood gestort wordt, terwijl de mensen zich hebben verlaagd tot het allerergste, terwijl Hij stervende was, terwijl de mensen het hebben gewaagd de eniggeboren Zoon van de Schepper aan het kruis te slaan bad Jezus “Vader, vergeef het hun”. Jezus bad niet: “Vader vergeld het hun” of  “Vader vernietig hun voor eeuwig” De Vader antwoordt ook niet: “Dit heb Ik gewild”, niets van dit alles. In een onuitsprekelijke strijd, roept Hij “Vader vergeef het hun”. En de Vader heeft het ons vergeven door Hem uit de doden op te wekken. De Vader heeft ons niet lief omdat de Here Jezus aan het kruis een prijs heeft betaald, maar omdat God ons lief heeft, heeft Hij Zijn Zoon gezonden, en die hebben wij gekruisigd. Het uur van de grote beproeving breekt aan. Jezus Christus, de schuldeloze Zoon van God, hangt aan het kruis. Nu is er voor liefde en vergeving geen plaats meer? Nochtans keerde God Zich niet af, maar maakte van dat kruis het hoogste blijk van Zijn liefde, en bewees dat door de opstanding van Christus. Het is het hemelse antwoord van de Vader. Jezus bede aan het kruis blijkt hoe sterk Hij zich bewust is geweest van de blindheid van de mens, naar verstand en ziel. “Zij weten niet wat zij doen” sprak Hij. Blindheid was hun kwaal. Laten wij inzien dat Jezus aan het kruis werd genageld, door de blindheid van de mens, en niet door de wens van de Vader. Het is niet zo dat God gunstig gestemd moest worden. Van voor de grondlegging der wereld heeft God ons bemind. De liefde Gods is onveranderlijk. Hij beminde ons, ook toen wij nog zondaren waren en Hij de zonde haatte. Dát is bijbels.” De mensen die riepen: “Kruisigt Hem” waren niet zo zeer slecht, maar eerder blind. Zij wisten niet wat zij deden. Wat een tragedie! Deze blindheid komt ook in onze dagen op vele manieren tot uitdrukking. Oprecht wordt geloofd dat de Vader de straf op de Zoon doet neerkomen, om daardoor vergelding te doen voor de zonde der wereld, maar de Vader gaat in liefde zover mee met de zonde {doelmissing} dat Hij Christus opwekt, en daardoor verzoening teweeg gebracht heeft. Het Licht is in de wereld gekomen, maar zij hebben het niet gezien. Johannes zegt: “Dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is en de mensen de duisternis liever gehad hebben dan het licht”. Jezus sprak de waarheid. De mensen die Hem kruisigde hebben niet geweten wat zij deden. Zij leden aan een afschuwelijke blindheid. Als ik opzie naar het kruis, worden we niet alleen herinnerd aan de liefde van God, maar ook aan de blindheid en zwakheid van de mens. Het herinnert niet alleen aan de liefde van Christus, maar ook aan het laagste van de mens. De Vader heeft in de opstanding het grote symbool van de liefde geopenbaard, die de haat overwint, en van het licht dat de duisternis verdrijft. Laten we nooit vergeten dat de Here Jezus aan het kruid werd genageld door menselijk blindheid. Zij die Hem kruisigde wisten niet wat zij deden. Voor mij is 1 Kor.13 geschreven met het zicht op het kruis, de liefde is lankmoedig, { lett; geduldig of mild} Weet u; wie geduld en mildheid paart, zal de ander nooit kunnen afstoten. Want de liefde is niet afgunstig, zij rekent het kwade niet toe. De liefde kent geen vergelding, Gods liefde is met allen respect zo naïef, want lees maar in de gelijkenis in Matth.21 ..de pachters grepen zijn slaven, sloegen de ene, doodden de andere en stenigde een derde. Hij zond weder andere slaven, nog meer dan eerst, en zij behandelde hen op dezelfde wijze. En nu komt het {Matt21 vers 37} ten laatste zond hij zijn zoon tot hen zeggende; Mijn zoon zullen zij ontzien. Zo stuurde de Vader Zijn Zoon naar de aarde, de liefde denkt niet in kwaad of vergelding, maar de liefde denkt: “Mijn zoon zullen ze ontzien”. Maar de mens dacht. Dit is de erfgenaam, laten we hen doden, kruisigt Hem, hoort u de roep nog? Maar de steen, die de bouwlieden afgekeurd hadden, deze is tot een hoeksteen geworden; van de Here is dit geschied, en het is wonderlijk in onze ogen. {Matt.21 vers 42}Die laatste woorden zijn voor mij steeds meer gaan spreken, het is wonderlijk in onze ogen, de mens, die de Zoon der mensen aan het kruis heeft genageld, die Mens heeft God tot een volkomen verzoening gemaakt voor die zelfde mensheid die geroepen heeft “kruisigt Hem”. Inderdaad, het in wonderlijk in onze ogen. Dat is nu het karakter van God. Liefhebben is wat God ten diepste kenmerkt. God is liefde. Ja, maar God straft toch en vergeldt toch, Gods neemt toch ook wraak? Jawel, God straft wel, maar het is alleen opvoedend bedoeld, om tot inkeer te brengen. Hij laat de mens niet “vergaan” of “vernietigen”. De Bijbel beschouwd het oordeel als een uiting van Gods zorgende liefde, het doel van Gods oordeel is genade. Dat beeld komt overeen met wat Paulus predikt, namelijk de verzoening van alle mensen. In de gedachte van Paulus heeft God maar één motief voor al zijn daden naar ons toe, en dat motief is liefde; daarom is zelfs zijn oordeel, zijn wraak, zijn kastijding, zijn vergelden, een uitdrukking van barmhartigheid. Als we het oordeel en straf eindeloos maken, maken we van God een zondaar, een doelmisser. Wat zou het betekenen als er geen toorn van God was {Rom1 vers 18}. Het zou betekenen, dat God de aarde overliet aan wat de mensen ervan maakte. Gods toorn betekent, dat Hij het niet goed vindt, dat de aarde en alles wat op deze aarde leeft ten onder gaat. Het gericht van God is niet het einde van de ontferming, niet voor Jeruzalem, niet voor Sodom, en niet voor de wereld. Nergens leert de Bijbel dat God een straf zonder einde wil. “Want God heeft allen onder ongehoorzaamheid besloten, om Zich over hen allen te ontfermen” {Rom.11 vers 32}. Ja, maar in Jesaja staat toch: “Hij bekleedde Zich met wraak als met een gewaad en Hij hulde Zich in ijver als in een mantel. Naar de daden zal Hij vergelden”: grimmigheid aan zijn tegenstanders, vergelding aan zijn vijanden; aan de kustlanden zal Hij vergelding doen” {Jes.59 vers 17b-18}. De woorden “wraak en “vergelden” zijn helemaal uit zijn verband getrokken. De “wraak” van God is “het herstel van de verhoudingen in de gemeenschap met God”. God zegt niet; Ik zal je betaald zetten, maar Ik zal betalen. De betekenis van het woord “vergelden is: tot vrede brengen, heel maken”{Hebr: selem, is herstel van toegebrachte schade}. Mensen denken vaak dat God kijkt als een rechter, koel, nuchter, zakelijk. Hij bekijkt het van alle kanten en dan velt hij zijn oordeel. Als er in de Bijbel over “rechter” gesproken wordt bijv. In Ps.7 vers 12 “God is een rechtvaardige Rechter” lett: de sjofeet tsaddiq. Dat betekent dat God de grote Rechtzetter is. Hij zal alle dingen rechtmaken. Zoals er staat bij de verloren zoon; de vader zag hem en werd met innerlijke ontferming bewogen. Dat is de Rechter met heel zijn hart. Zo zien we in de Hebreeuwse woorden het ware karakter van de liefhebbende Vader te voorschijn komen. Hij is het die het verlorene zoek, net zolang totdat Hij iedereen gevonden heeft. Als Jezus dertig jaar is zegt Hij: Vader, hier ben Ik. Ik ben er klaar voor ..want aldus betaamt het ons alle gerechtigheid te vervullen {Matth.3 vers 15}. Dat was het offer, dat Hij kwam om ons te dienen. Hij wordt offerlam. Dat was zijn toewijding. Maar omdat dat terechtkwam bij mensen die er niet klaar voor waren en temidden van een wereld vol van duisternis, daardoor werd het een offer. Hij werd weggetrapt. En dat heeft Hij op zich genomen om juist daardoor de duisternis te verbreken.

Je kunt mensen liefhebben, maar op een gegeven moment moet je zeggen: “de groeten”. Maar dat deed Jezus nou net niet. Hij bleef de mens lief hebben tot het einde. En het vreemde is dat juist dát reactie opwekt, weerstand, en tenslotte haat. De mensen krijgen het gevoel: het doen en laten van Jezus is een aanklacht tegen ons. Waarom houdt Hij het nu wel vol en ik niet. In wezen hebben ze Hem gekruisigd omdat Hij te goed was, te consequent, Hij was te dienstbaar. Maar Jezus betaalde niet met gelijke munt, want als de ander niet terugvecht, maar zegt “kan ik nog iets voor je doen”?, dan sta je met een mond vol tanden en weet je niet hoe je moet reageren. Dat is nou de kracht van het bloed. Dan wordt het eeuwige patroon van kwaad met kwaad vergelden doorbroken. Dat is het geheimenis. Als Jezus in het uiterste uur nog bidt: “Vader, vergeef het hun”, wie kan er dan nog íets toerekenen. Hier wordt het kwaad in wezen zijn basis ontnomen. Het kwaad heeft geen fundament meer om op te staan. Liefde is iets veel dieper dan emotioneel gepraat. De “Agape”, de liefde van God, werkt als overvloeiende die niets terug vraagt. De “Agapé” liefde is aan het kruis getoond. Nu begrijpen we wat Jezus bedoelde toen Hij sprak: “Hebt uw vijanden lief”. We mogen er blij om zijn dat Hij niet heeft gezegd: “Vindt uw vijanden aardig”. Hij spreekt van de “Agapé”, de alles verlossende liefde voor alle mensen. Van alle machten van de wereld houdt deze liefde altijd stand. Deze scheppende liefde is indrukwekkend geopenbaard in de Here Jezus Christus. Als we de boodschap van Paulus in Rom.15 vers 9-12 lezen, dan beginnen in alle landen de klokken te luiden. Alle volken verheerlijken God om zijn ontferming. “Daarom zal ik U loven onder de heidenen en uw snarenspel prijzen” {Rom.15 vers 9}. Het is een boodschap van blijdschap. “verheugd u, heidenen, met zijn volk” {vers10}. De barmhartigheid van God is: “Hij laat nooit varen de werken Zijner handen”. Laten we het denkbeeld verwerpen dat Jezus pleitte bij een God wiens toorn oorzaak was geweest dat Hij zijn aangezicht van ons had afgewend. “Want alzo lief {Agapé} heeft God de wereld gehad dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe. {Joh.3 vers 16}. Liefde is de beweegreden voor de verlossing. Liefde vloeide eerst uit God voort en toen uit de Zoon die Hij in de wereld zond.

De dwarsbalk van het kruis zegt ons,

wijder dan alle zeeën reikt God zijn armer,

zover reikt zijn erbarmen,

de dwarsbalk van het kruis is het teken,

God raakt geen elektron kwijt.

 

Commentaren zijn gesloten.

Zoeken

Column

Machteloze opofferende liefde

Het is Goede Vrijdag, Jezus sterft aan een kruis. Maar waarom? Verhalenverteller en missionair Matthijs Vlaardingerbroek wist precies hoe het zat, totdat een Schotse vreemdeling hem aansprak in een museum. Het is een winterse dag in Glasgow, de stad waar mijn dochter studeert, als ik eindelijk de kans krijgt om het wereldberoemde schilderij “De Christus […]

410820 bezoekers sinds 07-06-2010