Het gouden kalf

25-05-2010 door Joop Neven

Spreekbeurt gehouden op 14-03-2010 in de Vrije Evangelische Gemeente te Zeist

Ex 32 vers. 1. Mozes toefde om af te dalen…In het woord ‘toeven’ zit ook het woord schromen. Het Hebr woord  hangt zelfs samen met een woord, dat betekent ‘beschaamd’ zijn. Mozes schroomde; hij kende zijn volk wel. Hoe moest hij het volk vertellen wat hij van God gehoord had {zie hfd 31} Mozes moest afdalen namens God. Afdalen in de bijbel is vaak een beeld van barmhartigheid. Kennelijk had Mozes er wat moeite mee om af te dalen. Waarom schroomde Mozes nu. Misschien voelde hij ergens iets aan. Misschien dacht hij: zal het volk dat accepteren, als ik hen vertel: God wil een woning gaan bouwen? Hij zal gedacht hebben: zullen ze daar het geduld wel voor kunnen opbrengen.

Ex 32 vers 1…verzamelde het zich rondom Aaron. Letterlijk…het volk verzamelde zich OVER Aaron. Dat kun je je haast letterlijk voorstellen. Als een zwerm komen ze over Aaron, als een zwerm bijen komen ze op hem af. Ex 32 :1…maak ons goden die voor ons uitgaan, want deze Mozes, die man, die ons uit het land Egypte heeft gevoerd-wij weten niet, wat er van hem geworden is. In hun spreken komt al openbaar wat ze er in feite van begrepen hebben van de uittocht. Wie heeft hen nu eigenlijk uit Egypte gevoerd: God! En zij zeggen: die man, die ons uit Egypte heeft gevoerd. Er klinkt ook iets afstandelijks in hun manier van spreken: DEZE Mozes.. DIE man.. In hun spreken blijft God dus af buiten beschouwing. Hier zie je het probleem bij het bij volk: ze kennen niet. Ze hebben geen kennis van wat er daar op de berg is gebeurd. Ze hadden moeten wachten, totdat ze hadden leren KENNEN wat er met Mozes gebeurd was. Door gebrek aan kennis maken ze dat kalf. En als de volken dan naar Israël kijken, zien ze precies hetzelfde als wat zij hebben. De volken zien in Israël dus niets uniek meer. Als je het menselijk gaat bekijken is het een groot vraagstuk voor God. Hoe moet God nu hiermee omgaan? In feite is dat een heel ingewikkeld vraagstuk voor God. God wil aan de ene kant met dat volk Israël op weg, maar God wil aan de andere kant ook die volkeren bereiken. En als Israël dan gelijk wordt aan de volkeren, ja, wat moet God dan? Je zou zeggen: God komt daar eigenlijk in een ‘gewetensconflict’. Als God Israël spaart zoals ze nu zijn, dan is er voor die volkeren niets bijzonders om naar te kijken. Maar als Hij  Israël uitroeit, is er voor die volkeren ook niets om naar te kijken. Ex 32:4.. Hij nam ze van hen aan, gaf er vorm aan met een stift en maakte er een gegoten kalf van. En zij zeiden: dit is uw god, Israël, die u uit het land Egypte heeft gevoerd… Is dat nu toevallig? Waarom nu een kalf? Een kalf was typisch iets, wat de heidenen hadden. Je kunt er ook nog van zeggen: het was een stierkalf! Je ziet het heel duidelijk in: Ps: 68:31.. De stierenbende met de kalveren der volken.. In feite begint hier al het punt; wij willen zijn als alle andere volkeren. Dat begon dus niet toen ze vroegen om een koning, maar dat punt begint hier al. Het is niet zo dat je kunt zeggen: voor het zelfde geld was er iets anders uit gekomen. Nee, het werd uitgerekend een kalf. Een stierkalf is het beeld van kracht, van potentie. Het is het beeld van de macht en heerszucht, alles vertrappend. Een stierkalf is het tegenovergestelde van een lam

In Ex. 12 hebben ze het Paaslam gehad. Dat betekent in feite, dat ze het paaslam verwerpen en kiezen voor het kalf. Ze willen niet het weerloze Lam, maar het heerszuchtige kalf. Later wordt er ook van Efraïm gezegd: hij is als een ongetemd kalf. Ex 32:5..Toen Aaron dat zag, bouwde hij daarvoor een altaar en riep uit: Morgen is er feest  voor de Here.. Let erop, dat ze de naam des Heren er nog bijhalen. Aaron probeert de zaak nog te redden door te zeggen: het is feest voor de Here! Maar je kunt nooit de naam HERE nooit verbinden met een kalf, alleen met een Lam. Want de naam HERE is de bevrijder. God kwam juist om het volk te bevrijden van die kalveren, van die macht! Juist om ze onder Egypte vandaan te halen.Maar nu gaan ze een kalf vereren en zeggen: Het is feest voor de HERE. Het begint nog heel godsdienstig, maar het eindigt als een soort carnaval in het 6e vers: eten drinken en vrolijk zijn. Maar nu komt het gesprek tussen God en Mozes. Het volk wilde dus iets zichtbaars hebben, zichtbare goden. Ze denken: als we nu een kalf hebben, zijn we net als alle andere volkeren, dan zijn wij ook machtig. Maar God denkt heel anders. God bouwt geen kalf. God wil niet een volk dat macht zoekt, maar God wil, een volk dat het LAM als middelpunt heeft. Dat gesprek loopt vanaf vers 7 t/m 14. het bestaat uit drie delen.

  1. Het eerste deel is dan v7 en v 8.

Ex 32:7.. de Here SPRAK tot Mozes: Ga, daal af, want UW volk, dat gij uit het land Egypte hebt gevoerd, heeft het verdorven..Normaal staat er altijd.de Here zeide tot Mozes. Als er staat SPRAK, betekent dat in feite al, dat de verstandhouding verbroken is. Normaal komt het nooit voor en zeker niet in de directe rede. Als er staat ‘de Here zeide’ dan is er een verstandhouding. Dan gaat het weer verder…want UW volk..niet Mijn volk. God neemt afstand. God trekt zich helemaal van terug.. ze zijn verdorven letterlijk: ze zijn corrupt geworden. Het punt is dus: dat kalf maken is een afwijken van de weg, namelijk van de weg van God. Dus, van de weg van het LAM, de weg van het Pascha. Want dat is de weg die God aan Israël getoond heeft ( Ex 12). Hier krijg je dus de toorn van God over het volk. Wat houdt die toorn hier in. Dat is in de eerste plaats de AFKEER van God. God heeft een afkeer van dit volk. En waarom. Omdat er niets over is van de BEVRIJDING. Ze hebben hun bevrijding ingeleverd. Er is in feite niets meer in dit volk dat God nog kan herkennen. God had ze uit Egypte  bevrijd, maar zij hebben die bevrijding volledig ongedaan gemaakt. De toorn van God richt zich heel speciaal naar de begeerte naar macht. God kan zijn NAAM niet geven aan wat het volk Israël hier is. Want uiteindelijk had God met Israël op het oog, de BEVRIJDING van ALLE volkeren. Het doel van die Exodus was de exodus van alle volkeren. God had al voor ogen IK wil al die volkeren bevrijden. Maar als dat ene kleine en hardnekkig volkje, nu opnieuw een machtswellust zou ontwikkelen, hoe zou het dan moeten met de bevrijding van al die andere volkeren! Als God tegen Israël gezegd had: vooruit maar: dat ene kalfje is zo erg nog niet, dan zou God bijwijze van spreken geen been meer hebben om op te staan. Dan kon God via Israël ook niet meer die andere volkeren bevrijden, want die hadden ook kalveren. In feite kun je alleen maar dankbaar zijn voor de afkeer van God op dit moment, dat God Zich van dit volk afkeert. Want alleen doordat God Zich afkeert, is er nog toekomst. Stel  je voor dat God Zich hiervan niets had aangetrokken, dan zou daaruit blijken, dat God Zich daarvoor niet interesseert.Wat je ook uitspookt, Kan Me eigenlijk niets schelen.. Maar hier blijkt dat God intens van Zijn volk houd. God laat het eenvoudig niet toe. God laat niet toe, dat dit volk nu ook vroom gaat worden en dat ze dan ook nog gaan zeggen:het is een feest van de Here. Juist dit soort vroomheid wekt de toorn van God op. Het tweede deel van het gesprek is vs. 9 en 10. Ex 32:9.. vervolgens zeide de Here tot Mozes: Ik heb dit volk gezien en zie, het is en hardnekkig volk… Daar zie je hoe God er als het ware intens mee bezig is. Want eerst zegt God: ga heen en daal af en dan het volgende moment gaat God toch weer verder om met Mozes te praten. Let erop, dat er nu ook weer staat:..Zeide de Here. Kennelijk is hier toch weer iets van een verstandhouding. Het lijkt alsof God eerst het gesprek heeft afgeknapt, maar dat Hij het volgende moment Mozes toch nog aan de praat wil houden. Mozes staat hier als het ware al op het punt om af te dalen, maar dan zegt God: Ik wil je toch nog even iets zeggen…het is een hardnekkig volk.. Net zo hardnekkig als die nek van die stier. En dan zegt God in Ex 32 :10. nu dan, laat Mij begaan, dat Mijn toorn tegen hen ontbrande en Ik hen vernietigen, maar u zal Ik tot een groot volk maken.. Hier wordt de afkeer van God tot toorn. En waarom dat vernietigen? God verdelgt elk machtsmiddel. God is vertoornt tegen een ieder die de macht aanbidt. Want als je het kalf aanbidt, aanbid je de macht. De toorn van God ontbrandt tegen alle machthebbers. Het gaat hier trouwens om de kwestie van aanbidden! Het is niet alleen maar zo dat een gouden kalf gemaakt is, maar ze gaan dat kalf nog aanbidden ook. God is een Levende God! Dat betekent dat er Leven in Hem zit. En iemand die leeft kun je niet programmeren. Je kunt God niet voorschrijven hoe Hij moet reageren.. Nog een belangrijk punt is: deze toorn is geen vernietigingsdrang! Maar dit is de wil van God om de bevrijding door te zetten. Het gaat God om de bevrijding van alle volken. Ondanks die zinsnede..dat Ik hen vernietigen.. Als die bevrijding via Israël niet wil, dan zal Ik Mozes tot een volk maken opdat Ik weer een volk zal hebben. God levert Zijn schepping niet uit aan de duisternis. Als God dat volk met dat kalf zou hebben laten voortbestaan, dan zou Egypte het gewonnen hebben. God was ten diepste vertoornd, omdat het volk de bevrijding niet wilde. Vs12 Waarom zouden de Egyptenaren zeggen:Tot hun onheil heeft Hij hen uitgeleid, om hen te doden in de bergen en hen van de aardbodem te vernietigen? Mozes heeft hier een teer punt aangeraakt. Hij zegt als het ware God, uw Naam staat op het spel. Straks gaan de Egyptenaren denken, dat U gelijk bent aan al die goden. Maar geen enkele god is gelijk aan Hem. Ex 32:12..Laat Uw brandende toorn varen en heb berouw over het onheil, waarmee Gij uw volk bedreigt.. Het staat er eigenlijk nog sterker..keer terug van uw brandende toorn.. keer om en heb berouw. Dat is wel uniek, normaal zijn dit woorden die door God uitgesproken worden tot de mens. KEER OM en heb BEROUW. En hier zegt Mozes diezelfde woorden tegen God. BEKEER U en heb BEROUW. Dit is zo’n vertrouwd gesprek tussen God en Mozes, hij heeft zo veel vrijmoedigheid. Hij durft dingen te zeggen, die je normaal nooit tegen God zou zeggen. Wie durft er nou tegen God te zeggen dat Hij zich moet bekeren. Mozes gaat om de gunst van God vragen. God verhoord het gebed van Mozes. Hier komt tot uiting, dat het schepsel wel kan falen, maar De Schepper faalt nooit. Geen enkele blunder, misstap,of fout van de kant van de mens is in staat om de plannen van God in de war te sturen. Dit is onze hoop, dit is de hoop voor Israël. Hij zal het werk voltooien, want Hij zal naar het werk van Zijn handen verlangen.  In het 13 vers gaat Mozes nog een stapje verder (LEZEN) Hier staat Mozes op de vaste rots van Gods beloften. Hij gaat staan op de rotsgrond van het verbond. Hij herinnerd God aan de diepste kern van Zijn toorn. De diepste beweegreden van die toorn van God was, zijn wil om te bevrijden. God was ten diepste vertoornd, omdat het volk de bevrijding niet wilden. In het gangbare spraakgebruik wordt bij toorn meestal meteen gedacht aan kwaadheid, aan kwaad worden, aan driftig worden. Maar het begrip toorn heeft echter veel meer het aspect van terugtrekken in zich. En dat niet in de zin van: dan zoek je zelf maar uit, maar veel meer in de zin van tot de orde roepen.Toorn is juist het tegenovergestelde van onverschilligheid. Want onverschillig worden is het ergste wat je iemand aan kunt doen. Onverschilligheid van een vader of moeder is veel erger dan dat hij een keer ingrijpt. Daarom is de echte toorn altijd vermengd met verdriet. Die toorn houdt ook in, dat je zo belangrijk bent voor iemand, dat je het waard bent om toornig op te worden. De mens is voor God zoveel waard, dat God het zeer de moeite waard vindt om, indien nodig, toornig op de mens te worden. Voor een vader kan het soms veel makkelijker zijn om te zeggen: laat maar gaan. Soms kost het veel meer inspanningen om iets recht te zetten dan om te zeggen: laat maar waaien. ‘Zand er over’. Daarom kan de toorn van God een zegen zijn. Een zegen kan in de eerste instantie wel eens een minder prettige indruk maken. Soms moet er diep in het vlees gesneden worden. Iemand zei eens: Een zegen is eigenlijk dat wat God doet, om een mens op zijn bestemming te krijgen. De toorn brengt hier het volk weer op zijn bestemming. Dus toorn is op zich niet negatief, het heeft een functie, niets iets om te vernietigen maar om te sparen. Ex 32:14 En de Here kreeg berouw over het kwaad, dat Hij gezegd had zijn volk te zullen aandoen. Hier is het weer zijn volk. Het kwaad doet God pijn.  Hier zien we het leiderschap van Mozes, de voorbidder. We zien hier een prachtig beeld van De Here Jezus Christus. Van de Here Jezus wordt gezegd in Hebr. 7: 25. Daarom kan Hij volkomen behouden, wie door Hem tot God gaan, daar Hij voor altijd leeft om voor hen te pleiten.Wat kunnen we nog meer wensen, dan zo,n pleiter bij de Vader. En onthoud het maar, dat als God het gebed van Mozes, die een dienstknecht was, verhoor heeft, hoeveel te meer zal Hij het gebed van Christus verhoren, Die zijn enige en geliefde Zoon is. Het verschil tussen Mozes en Christus komt zo mooi tot uiting. De verlossing die Mozes tot stand heeft gebracht was van tijdelijke aard, en slechts voor één volk; terwijl de verlossing die Christus tot stand bracht eeuwig van aard zijn, en voor de hele wereld. “is een verzoening voor onze zonden en niet alleen voor de onze, maar ook voor die der gehele wereld,{1 Joh.2:2}. Mozes wordt voorgesteld als dragende het volk Israël op zijn boezem “zoals voedstervader een zuigeling draagt {Num 11 vers 12}. Maar wat is dat te vergelijken met wat van Christus geschreven staat ” Hij zal als een Herder zijn kudde weide, in zijn arm de lammeren vergaderen en ze in zijn schoot dragen, de zogende zal hij zachtkens leiden {Jes 40 : 11}

Terwijl het volk het LAM was kwijtgeraakt, afgeweken van de Paasnacht is God een genadig God “ Hij heeft GEDACHT aan zijn goedertierenheid en aan zijn trouw jegens het huis Israëls;{Ps.98:3} God heeft GEDACHT. Hij heeft gedacht aan zijn genade. Dat is één van de mooiste aspecten van God. Bij God is het niet; uit het oog uit het hart. Als God gedenk, dan gedenk Hij ten goede.Hij zal ontfermen over wie Hij ontfermt. Hij zegt Ik ben die Ik ben..Je ziet dus weer dat het helemaal draait om de liefde. Dat houdt in, God houd halverwege niet op, maar Zijn liefde zal doorgaan. Tot hoelang? Alleen God weet hoeveel genade en liefde er nodig is om heel de schepping terecht te brengen. Je weet niet, bij benadering, wat er nodig is voor ‘ De wederoprichting van alle dingen’ Alleen God weet het. Weet je wat nou het grootste wonder is? God gaat de liefde brengen bij diegenen die de liefde niet willen.Uiteindelijk zullen ze op het punt komen, dat ze de genade aannemen, vrijwillig, zonder dwang. Een prachtige tekst in Jes 52 : 13-15. Zo zal Hij velen volken doen opspringen, om Hem zullen koningen verstommen, want wat hun niet verteld was zien zij, en wat zij niet gehoord hebben vernemen zij. Dat gaat gebeuren, Dat zal een wereldwijde uitstraling hebben. Br en zr,  Het laatste woord van God aan ons is: Jezus Christus de Redder der wereld. “Zelfs al ga ik door een dal van diepe duisternis, vult u zelf maar in: werkloos, ziekte , zorgen in de opvoeding, ik vrees geen kwaad, want Gij zijt bij mij; Uw stok en Uw staf, die vertroosten mij. Het leven zit soms vol met problemen. Misschien lijken die problemen, soms onbelangrijk, maar zij bestaan en kunnen zwaar drukken. {Ps. 23:4}.In Ps. 46 wordt gezegd: Hij is een toevlucht…. Een sterkte….een hulp….God is onze hulp. Dat is niet iets oppervlakkigs, maar God helpt ons om te bevrijden uit onze benauwdheid. Dat is wat Hij voor ons is; Hij leidt ons allen door dit leven, Hij heeft ons geleidt door de dood, tot de opstanding van het nieuwe Leven, dat we in Christus ontvangen hebben. Ontwaak, gij die slaapt, en sta op uit de doden,en Christus zal over u lichten {Efe.5 vers 14}. Wat een prachtige tekst. Bij Hém zijn we welgeborgen, bij Hem zijn we in goede handen, want Hij is de Redder die ons draagt. Hij is de bron van ons leven, van inzicht, van genade en van waarheid. En Hij is ons zo nabij, Hij zal onze gedachten verlichten. Gods woorden zullen gezegend werken, woorden van Hem zal de schepping thuis brengen. Hij is groter dan alle vragen, Zijn handen rusten op de wereld, nu in het verborgene, maar éénmaal zichtbaar en hoorbaar. Hij is de Hersteller, de Wederoprichter, Hij is ons laatste Woord, Hij is de inzamelaar van alle leven. Het Hebreeuwse denken zegt zo mooi, sterven is: Ingezameld worden tot de Vader. Hij, God de Vader, is boven alles en onder alles, Hij overschaduwd ons en draagt ons, Hij is het begin en het einde. Hij is het fundament van heel deze kosmos. Hij is de grond voor alle mensen. Wij mogen weten. Bij deze God ben ik thuis.

 

Commentaren zijn gesloten.

Zoeken

Column

Machteloze opofferende liefde

Het is Goede Vrijdag, Jezus sterft aan een kruis. Maar waarom? Verhalenverteller en missionair Matthijs Vlaardingerbroek wist precies hoe het zat, totdat een Schotse vreemdeling hem aansprak in een museum. Het is een winterse dag in Glasgow, de stad waar mijn dochter studeert, als ik eindelijk de kans krijgt om het wereldberoemde schilderij “De Christus […]

391734 bezoekers sinds 07-06-2010