Heimwee

23-06-2010 door Joop Neven

Als je de boeken van Geert Mak leest, dan overvalt mij een altijd soort heimwee naar vroeger. Toen er nog een bakker, een slager en een kruidenier in het dorp was. Toen de mensen nog naar elkaar omkeken en sociaal waren. Toen de boer nog boer was. Toen de paarden nog het werk verrichten op het land. Toen de onderwijzer nog een spilfunctie vervulde tussen de maatschappij en gezin. Maar helaas, de paarden zijn alleen te bewonderen in een concours hippique waar veel geld mee te verdienen valt, de bakker, de kruidenier, de slager, ze zijn als een kaars uitgegaan. Weggeconcurreerd door de grootmachten. Zo is de wereld, groot is niet groot genoeg, rijk is niet rijk genoeg. Heimwee, naar geborgenheid, naar harmonie, je moet er niet te lang bij stil staan, of toch wel? Met heimwee bedoel ik,  het verlangen naar geborgenheid. Heimwee, daaruit spreekt verlangen, het heimwee bijvoorbeeld, van God en mens. Je zou boven dit stukje kunnen zetten: het wederkerig heimwee. De mens heeft God nodig, maar God heeft ook de mens nodig. Zij horen in diepste wezen bij elkaar, zij zijn op elkaar aangewezen. Samen zijn ze pas compleet. Als God de mens heeft gevonden en de mens heeft God gevonden kan gezegd worden: dit is nu eindelijk vlees van mijn vlees en geest van mijn geest. In heim zit ‘thuis’ en in wee zit ‘pijn’. Het kost pijn om thuis te komen. Het geeft weeën. Het begin der weeën betekent: er gaat iets komen. Weeën zijn niet het einde, maar een begin. Daar hou ik mij maar aan vast als ik de wereld aanschouw. Soms denk ik wel eens, de wereld is op zoek, zonder dat hij het zelf weet, naar een stukje geborgenheid. Terug naar een verlangen, zoals de bruid naar haar bruidegom verlangt. Terug naar je oorsprong, waar je nog helemaal kind was en onbesmet. Maar ik weet het, nu zien wij nog door een spiegel, in raadselen, maar straks van aangezicht tot aangezicht. Nu ken ik onvolkomen, maar dan zal ik ten volle kennen, zoals ik zelf gekend ben {1Kor.13 vers 12}.Zo blijven dan: Geloof, hoop en liefde, deze drie, maar de meeste {lett: grotere} van deze is de liefde. Dat is het verlangen, dat is heimwee naar huis, terug naar je oorsprong. We zien in de wereldgeschiedenis een enorm gebrek aan “huis”. Maar God houdt open huis. Al aan het begin van de bijbel staat er een huis klaar. “In den beginne” = beresjit. Beresjit begint met de letter beth, en bete­kent huis. Bethel = huis Gods; Bethlèchem = broodhuis. Alles begint bij God met een huis. Zoals ook in het scheppingsverhaal: het droge komt te voorschijn en er komt een uitspansel boven je hoofd. Vaste grond onder de voeten en een dak boven je hoofd. Een huis is wat God voor ogen staat in een dakloze wereld. Een huis is niet zomaar iets in de Bijbel. Het is voor de thuislozen.

Heimwee naar vroeger? Toch maar niet. Heimwee naar de nieuwe hemel en aarde waar liefde en gerechtigheid woont. Dat is een heimwee, die vervult mij met een  intense vreugde.

Laat een commentaar achter

Zoeken

Column

Machteloze opofferende liefde

Het is Goede Vrijdag, Jezus sterft aan een kruis. Maar waarom? Verhalenverteller en missionair Matthijs Vlaardingerbroek wist precies hoe het zat, totdat een Schotse vreemdeling hem aansprak in een museum. Het is een winterse dag in Glasgow, de stad waar mijn dochter studeert, als ik eindelijk de kans krijgt om het wereldberoemde schilderij “De Christus […]

405522 bezoekers sinds 07-06-2010