Godloos en Goddeloos

21-01-2013 door Joop Neven

“dat gij te dien tijde zonder Christus waart, uitgesloten van het burgerrecht Israëls en vreemd aan de verbonden der beloften, zonder hoop en zonder God in de wereld” {Ef.2:12}.

“…. Maar zijn geloof vestigt op Hem, die de goddeloze rechtvaardigt” {Rom.4:5}.

Is er een verschil in betekenis tussen de woorden godloos en goddeloos. Kent de Bijbel dit verschil? In het Nederlands betekent het achtervoegsel “loos” niets anders dan “zonder”. Denk maar aan de woorden “werkloos, “rusteloos”, “hopeloos”, “dakloos”, e.a. Door taalkundigen wordt verdedigd dat “werkloos” iets anders is dan “werkeloos. Een werkloze zou dan iemand zijn voor wie, tegen zijn zin, helaas geen werk is, terwijl de werkeloze iemand is, die liever niet wil werken.

´Goddeloos” is een vertaling van het Hebreeuwse woord “raeschang”, in het Grieks “asebés”. Het komt 300 maal in de Bijbel voor, zowel in het O.T als in het N.T heeft het een ongunstige betekenis. Het duidt steeds op het tegenovergestelde van “rechtvaardig” of “rechtschapen”, zie bijv. in Gen.18:23 “En Abraham trad nader en zeide: Zult Gij dan de rechtvaardige met de goddeloze verdelgen?”. De “goddeloze” is als zodanig allesbehalve “zonder God”. Hij is een vijand van God. Hij lastert God, zie Psalm 10:13 ´Waarom smaadt de goddeloze God, spreekt hij in zijn hart: Gij vraagt geen rekenschap…”. Goddeloosheid is alles wat zich vijandig stelt tegenover het goede, tegenover de liefde, tegenover Hem, dus tegenover God. In 2 Petr.2:5 worden de vijanden Gods, de mensen die tijdens de zondvloed omkwamen, “de wereld van de goddelozen” genoemd en in vers 6 en 7 zijn de inwoners van Sodom en Gomorra gerangschikt onder degenen “die goddeloos leven”.

In het Grieks is voor het begrip “goddeloos” ook een woord gebruikt dat duidt op een uitgesproken Godvijandige houding. Het is het woord “asebeés” dat bij de Grieken de aanduiding was voor alles wat misdadig was tegen de goden en mensen. “asebeés” is het tegenovergestelde van “eusebés”, wat godvruchtig” betekent {Hand.10:2,7; 2Petr.2:7}. In de Bijbel is “goddeloos” geen neutraal of onwetend begrip, maar een aanduiding voor de zondigheid of het nu gaat om Joden of niet-Joden. Elk mens is onder de zonde. Het is niet voor niets dat in Psalm 14: 2,3 staat: “De Here ziet neder uit de hemel op de mensenkinderen, om te zien of er één verstanding is, één , die God zoekt. Allen zijn zij afgeweken, tezamen ontaardt: er is niemand die goed doet, zelfs niet een”. De liefdevolle God heeft zich over de goddeloze mens ontfermd en hem rechtvaardig verklaard op grond van het geloof van Christus. In Hem is de mensheid gerechtvaardigd.

Godloos

Naast het begrip “goddeloze” kent de Bijbel nog een ander woord dat met “godloos” {zonder God} wordt vertaald. Dit Griekse woord is “atheos” en dat duidt niet op bewuste vijandschap, maar op onwetendheid en onverschilligheid, of  het ontkennen van het bestaan van God. Het is het “zonder God” uit Efeze 2:12. Dat het moeilijk is het onderscheid vast te houden tussen “godloos” en “goddeloos” wordt duidelijk door verschillende vertalingen die het woord “asebés” {goddeloos} en “atheos” {godloos} allebei te vertalen met “goddeloos” . Daardoor ontstaat er allerlei onnodige spraakverwarring.

Efeze 2:12

De in Efeze 2:12 genoemde “zonder God” levende niet-Joden, die gelovig waren geworden; waren oorspronkelijk goddeloos. Door Christus zijn wij samen met de gelovige Joden één Lichaam, het Lichaam van Christus, en hebben ook de rechten van het zoonschap verkregen. Doordat we niet meer godloos {Grieks: atheos} zijn, zijn we ook niet meer onwetend, want Romeinen 8:16 zegt: “Die Geest getuigt met onze geest, dat wij kinderen Gods zijn”. God is onze Vader, die borg staat voor de voorzetting van ons leven, “Hiervan toch ben ik ten volle overtuigd, dat Hij, die in u een goed werk is begonnen, dit ten einde toe zal voortzetten , tot de dag van Christus Jezus” {Filp.1:6}.

Niemand mag de kracht van het evangelie van Paulus in Romeinen 4;5 verzwakken,“Hem echter, die niet werkt, maar zijn geloof vestigt op Hem, die de goddeloze rechtvaardigt, wordt zijn geloof gerekend tot gerechtigheid” {Rom.4:5}. De genade is van Godswege geproclameerd, Gods einde, zal een allesomvattende overwinning zijn van de Liefde, want God is liefde {1Joh.4:8}. Helaas zijn er vertalingen die Romeinen 4:5 onjuist vertalen, bijv.”dat God de goddeloze rechtvaardig kan verklaren”. Dat staat zo niet in de grondtekst. Zo’n vertaling doet tekort aan de zekerheid van de universele redding. Dat God de goddeloze rechtvaardig kan verklaren betwijfelt niemand, maar Hij wil het en doet het dan ook. “…. We hebben onze hoop gevestigd op de levende God, die een Heiland {Redder} is van alle mensen, inzonderheid voor de gelovigen. Beveel en leer dit” {1Tim.4:10-11}.

 

 

Laat een commentaar achter

Zoeken

Column

Machteloze opofferende liefde

Het is Goede Vrijdag, Jezus sterft aan een kruis. Maar waarom? Verhalenverteller en missionair Matthijs Vlaardingerbroek wist precies hoe het zat, totdat een Schotse vreemdeling hem aansprak in een museum. Het is een winterse dag in Glasgow, de stad waar mijn dochter studeert, als ik eindelijk de kans krijgt om het wereldberoemde schilderij “De Christus […]

384774 bezoekers sinds 07-06-2010