God toornt niet over Zijn eigen werk

06-11-2012 door Joop Neven

God is liefde. Wat betekent dat voor ons, voor de gehele schepping? Liefde is lankmoedig, is goedertieren, is niet afgunstig, rekent het kwade niet toe. Lees 1Kor.13:1-13 er maar op na. Bijzonder is, dat de Liefde toornt over het kwade, juist omdat zij liefde is. De toorn duurt niet lang, maar de liefde blijft bestaan, want hij is de grootste “want een ogenblijk duurt zijn toorn, een leven lang zijn welbehagen” {Ps.30:6}. En is Psalm 103:9 staat: “niet altoos blijft Hij twisten, niet eeuwig zal Hij toornen” {Ps.103:9}. Zo spreekt de Bijbel over de Liefde.

Hoe spreekt de Heidelbregsche Catechismus over God. Ik heb nog een oud bijbeltje liggen, daar staan al de vragen van de catechismus in. Wat voor Godsbeeld wordt daar geschetst? Nou, als u de vragen nog eens doorleest, spreekt daar een toornende God. “Hij vertoornt Zich schrikkelijk, beide over de aangeboren en werkelijk zonden, en wil die door een rechtvaardig oordeel tijdelijk en eeuwig straffen” {Vraag 10 Heidelbergsche  Catechismus}. Dat God toornt tegen de zonde, en dat Hij ze straft, dat leert de Schrift, maar dat Hij toornt over de aangeboren zonden, dat leert de Schrift niet. God toornt niet over Zijn eigen werk. De Bijbel leert: “Derhalve, gelijk door één daad van overtreding voor alle mensen tot veroordeling gekomen is, zo komt het ook door één daad van gerechtigheid voor alle mensen tot rechtvaardiging ten leven” {Rom.5:18-19}. De dood van Adam is door één mens de wereld binnengekomen {Rom.5:12}. Daarom is het niet waar, dat wij ons zelf in onze val en verderf gestort hebben zoals de Ned. Geloofsbelijdenis art.16, dat leert, en dat we onszelf door eigen schuld in de ellende hebben gestort, zoals de Dordtsche Leerregels dat leert. Volgen de Bijbel heeft Adam gezondigd en daarmee de dood gebracht over al zijn nakomelingen. De dood, maar niet de schuld. “Een zoon zal niet mede de ongerechtigheid van de vader dragen, en een vader zal niet mede de ongerechtigheid van de zoon dragen” {Ezechiël 18:20}. Wij dragen de ongerechtigheid van Adam niet. Wij hebben onze eigen missers {zonden}; wij hebben niet gewandeld naar het licht, dat God ons gegeven had, maar dat is iets anders, dat wij gestraft worden voor de aangeboren zonden, want dat leert de Bijbel niet. En dat God onze zonden straft met eeuwige straf, dat leert de Schrift ook niet, althans indien “eeuwig” “eindeloos” betekent. God geeft een ander antwoord: “want als Hij bedroefd heeft, ontfermt Hij Zich naar de grootheid van zijn gunstbewijzen. Immers niet van harte verdrukt en bedroeft Hij de mensen kinderen” {Klaagliederen3:32-33}.

Een belangrijk punt

De toorn van God is geen vernietigingsdrang. Een mooie uitspraak is: de Toorn van God is altijd “Toorn van Hoop”. God is in Zijn toorn barmhartig. God heeft van begin af aan al barmhartigheid, tederheid getoond in Zijn woorden. God is Liefde is geen karaktertrek, maar zo is Hij in heel Zijn wezen. Hij kan niet anders. En het grootste verlangen van God is, wederliefde, volkomen vertrouwen van de mens. En die Liefde blijft Hij uitstorten, net zo lang tot de laatste thuis gekomen is. Het wezen van God is altijd ten dienste van Zijn kinderen, dat maakt het dat het zo’n bijzondere Boodschap is.

“Maar het is met de genadegave niet zo als met de overtreding; want, in­dien door de over­treding van die ene zeer velen gestorven zijn, veel meer is de genade Gods en de ga­ve, be­staande in de genade van de ene mens, Jezus Christus, voor zeer velen over­vloedig ge­worden” {R­om.5:15}.

‘Velen’ is in het Hebreeuwse denken inclusief

In het Hebreeuws is het woord velen includerend, insluitend, dus dat is eigen­lijk: de velen. Joachim Jeremias heeft daar een prachtig artikel over ge­schreven en boven het eerste deel van zijn studie zet hij: ‘De inslui­ten­de be­te­ke­nis van rabbim’. Hij zegt: In het Grieks is het begrip velen anders dan in het Hebreeuws. In het Grieks is er het woord polloi (velen) en pantes (al­len); dan is er dus een meer­derheid en een minderheid. Dat betekent dus: úit­sluitend. Maar in het Hebreeuws en in het Aramees is het ínsluitend. Daar zijn het ‘de niet te tellen velen’. Met velen wordt bedoeld: je kunt ze niet tellen en dan betekent het dus allen.

Het is de grote schare.

 

Laat een commentaar achter

Zoeken

Column

Machteloze opofferende liefde

Het is Goede Vrijdag, Jezus sterft aan een kruis. Maar waarom? Verhalenverteller en missionair Matthijs Vlaardingerbroek wist precies hoe het zat, totdat een Schotse vreemdeling hem aansprak in een museum. Het is een winterse dag in Glasgow, de stad waar mijn dochter studeert, als ik eindelijk de kans krijgt om het wereldberoemde schilderij “De Christus […]

391574 bezoekers sinds 07-06-2010