De profeten

23-05-2010 door Joop Neven

Gedurende het grootste gedeelte van de bijbelse tijd werd het volk Israël op de weg, waarop het bij de Sinaï door God was gesteld, begeleid door de profeten. Bij de Sinaï had Israël uit de handen van Mozes de eerste en grootste van alle profeten, Gods onderwijzing, de Tora ontvangen. Maar de weg die de Tora wijst is lang en moeilijk en haar richtlijnen en eisen raken zo gemakkelijk overwoekerd door wat gangbaar en haalbaar is. Het waren de profeten die er steeds weer op hamerden, dat de Tora geen geschipper, geen compromissen duldt; dat je niet tegelijk God kunt dienen én de afgoden. Zij waren het die het volk ongenadig om de oren sloegen, wanneer het de weg van de Tora verliet en onrecht hoogtij vierde. Zij waren het ook die het volk troosten en aanmoedigden, wanneer het de moed dreigde te verliezen, omdat de taak zo bovenmenselijk zwaar was.

 God staat op het spel

De profeten waren er diep van doordrongen, dat God niet onverschillig staat tegenover het doen en laten en het wel en wee van de mens. “God speelt niet de rol van toeschouwer”, Hij is betrokken. God is betrokken bij het leven van de mens. Gods geboden zijn geen onpersoonlijke aanbevelingen, maar geven uitdrukking aan Gods zorg en bewogenheid. Gerechtigheid is niet zomaar een ethische waarde; het is Gods aandeel in het leven van de mens. Gerechtigheid is niet aalleen maar een maarschappelijke norm; God staat erbij op het spel in de menselijke geschiedenis. Mensen doen wat ze willen, ze gedragen zich gemeen en maken misbruik van de zwakke, zonder te beseffen dat ze daarmee God afvallen en dat onderdrukking van een mens een vernedering van God betekent. “Wie de behoeftige verdrukt, smaadt diens Maker; maar wie zich over de armee ontfermt, eert Hem {Spreuken 14 vers 31}. Dit weten van Gods betrokkenheid maakt, dat de profeten fel van leer trekken tegen onrecht en onderdrukking. Onverdraaglijk is het, dat laster en verdachtmakingen algemeen aanvaarde vormen zijn, om van zwendel en corruptie, moord en doodslag nog maar te zwijgen. Gods verontwaardiging en woede over dit alles, zijn pijn en teleurstelling trillen door in de woorden van de profeten. Profetie is de stem die God gaf aan de mens in nood.

Profetie is geen toekomstvoorspelling

De “onheilsprofetieën” die wij bij alle profeten vinden, zijn geen toekomst voorspellingen zonder meer. Het onheil dat de profeet ziet komen, is de consequentie van het falen van het volk en geen onafwendbaar noodlot. Als het volk omkeert, terugkeert naar de weg van de Tora dan zal God heil brengen in plaats van onheil De profeten roepen op tot omkeer. Dat komt heel scherp tot uiting in het verhaal van de profeet Jona. Wanneer Jona in Ninevé komt zegt hij: “Nog veertig dagen en Ninevé wordt ondersteboven gekeerd! {Jona 3 vers 4}. Maar deze « voorspelling » komt niet uit ! Want de bewoners van Ninevé keren om, ieder van zijn boze weg en van het geweld dat in hun handen is {Jona3 vers 8} en dan keet ook God om en de aangekondigde verwoesting gaat niet door {vers9-10}….toen God zag wat zij deden, hoe zij zich bekeerden van hun boze weg, berouwde het God over het kwaad dat Hij gedreigd {Lett. gesproken God dreigt niet} had hun te zullen aandoen, en Hij deed het niet. Uit het volgende hoofdstuk blijkt dat, dat ook precies de bedoeling was! Jona zegt: “Nog veertig dagen en Ninevé wordt onderste boven gekeerd” maar de bedoeling van zijn woorden is:” Als jullie zo doorgaan, dan wordt jullie stad over veertig dagen verwoest; maar als jullie omkeren, dan gebeurt het niet. Jona’s woorden worden gezegd, opdat zij niet  zullen uitkomen “Zou Ik een welgevallen hebben aan de dood van de goddeloze”? Luidt het woord van de Here Here. Niet veeleer hieraan, dat hij zich bekere van zijn wegen en leve? {Eze.18 vers 23}. En wat voor Jona geldt, geldt ook voor de andere profeten. Profetie is geen toekomstvoorspelling. Zij voorspellen ons niet de toekomst, zij stellen het volk voor een keuze; het leven en de dood stel ik u voor, de zegen en de vloek; kies dan het leven, opdat gij leeft, gij en uw nageslacht{Duet. 30 vers 19}.

 Trouw

Wat de profeten beweegt is het weten dat God op zoek is naar de mens, maar hem niet vinden kan. De mens geeft niet thuis. De profeet lijdt daaronder, beter gezegd, God lijdt daaronder. Kenmerkend voor de profeet is zijn trouw aan God, trouw aan zijn opdracht, om te spreken zoals God hem opdraagt en niet zoals de mensen horen willen {vgl.1 Kon.22 vers 13-14}; en trouw aan het volk, dat hij begeleidt en liefheeft. Tegenover het volk neemt de profeet het op voor God en houdt het Zijn eis voor; en tegenover God neemt hij het op voor het volk. Na de zonde met het gouden kalf springt Mozes voor het volk in en vraagt, ja, eist van God om het volk een nieuwe kans te geven{Ex.32 vers 11-13}. Als God Amos in een visioen de vernietiging van het land laat zien vanwege de ongerechtigheid van zijn inwoners, roept Amos uit: Here Here, vergeef toch! Hoe zou Jacob staande kunnen blijven? Hij is immers klein! Dit berouwde de Here. Het zal niet geschieden, zeide de Here {Amos7 vers 1-16}. Als het om het volk gaat, zeggen de profeten niet: “Uw wil geschiede”, maar “Uw wil verandere”.

 De boodschap van hoop

De profeten houden het volk de consequenties voor en roepen het op om om te keren. Maar de profeten zijn niet alleen “vermaners”, zij zijn ook“vertroosters”niet alleen van onheil, verwoesting en ballingschap, maar ook van heil, terugkeer, opbouw en vrede. keer op keer loopt de profeet stuk op de ontrouw van het volk, maar ver daarbovenuit gaat het zeker weten, dat daarmee niet het laatste woord gezegd is. Want ondanks alle onrecht dat bedreven wordt, laat God zijn volk en zijn schepping niet los. Het geheim van de wereld geschiedenis is: En de volkeren zullen derwaarts heenstromen, en vele natiën zullen optrekken en zeggen: Komt, laten wij opgaan naar de berg des Heren, naar her huis van de God Jacobs, opdat Hij ons lere aangaande zijn wegen en opdat wij zijn paden bewandelen. Want uit Sion zal de wet uitgaan en des Heren woord uit Jeruzalem. En Hij zal richten tussen vele volkeren en rechtspreken over machtige natiën tot in verre landen. Dan zullen zij hun zwaarden tot ploegscharen omsmeden en hun speren tot snoeimessen; geen volk zal tegen een ander volk het zwaard opheffen, en zij zullen de oorlog niet meer leren. Maar zij zullen zitten, een ieder onder zijn wijnstok en onder zijn vijgenboom, zonder dat iemand hen opschrikt; want de mond van de Here der heerscharen heeft het gesproken. Want alle volkeren wandelen elk in de naam van zijn god maar wij zullen wandelen in de naam van de Here, onze God, voor altoos en eeuwig {Micha 4 vers 1-5}. Bijna elke profeet brengt naast e woorden van afkeuring en terechtwijzing ook troost, belofte en de hoop op verzoening. Hij begint met een boodschap van onheil en ondergang; hij eindigt met een boodschap van hoop

Bron: A.J Heschel, The Prophets

Commentaren zijn gesloten.

Zoeken

Column

Machteloze opofferende liefde

Het is Goede Vrijdag, Jezus sterft aan een kruis. Maar waarom? Verhalenverteller en missionair Matthijs Vlaardingerbroek wist precies hoe het zat, totdat een Schotse vreemdeling hem aansprak in een museum. Het is een winterse dag in Glasgow, de stad waar mijn dochter studeert, als ik eindelijk de kans krijgt om het wereldberoemde schilderij “De Christus […]

390910 bezoekers sinds 07-06-2010