Bevrijding

30-05-2010 door Huib Neven

Op het moment van de aanslag op ons Koningshuis bezochten wij het voormalige concentratiekamp Buchenwald. De wereldgeschiedenis lijkt van wanhoop naar wanhoop te hinken. In Apeldoorn werden in één absurde klap zeven families in rouw gedompeld. Buchenwald is een van die plekken waar de wanhoop wel zijn diepste dieptepunt heeft bereikt. De barakken zijn weliswaar verdwenen, maar de kale vlaktes waar ze duidelijk zichtbaar gestaan hebben, zijn er niet minder huiveringwekkend door. De zwarte verbrandingsovens proberen met open mond duidelijk te maken wat er gebeurde. Ook de glijgoot waarover de lijken werden aangevoerd doet een poging de geschiedenis terug te roepen. Hoe concreet en onomwonden deze attributen ook getuigen van die gruwelijke bladzijden uit de geschiedenis, het blijft onwezenlijk en het gaat in ieder geval mijn voorstellingsvermogen te boven. Helaas leert de mensheid weinig van de geschiedenis. Direct na de val van het naziregime trokken de communisten het IJzeren Gordijn dicht en verduisterden het leven van talloze mensen. Het Stasi-museum in Leipzig dat we een paar dagen later bezochten, laat zien hoe het er in het voormalige Oost-Duitsland aan toe ging.  Met gereglementeerde nauwgezetheid en kille administratieve precisie werden de onderdrukking, de controles en executies uitgevoerd. Een perverse macht die angst en verderf zaaide. (Is macht trouwens niet een verschijningsvorm van angst?)

Hoe blijft een mens staande in tijden van uitzichtloze onderdukking? Kun je nog hoop hebben als de wanhoop het voor het zeggen heeft? Ja dat kan. De Nicolaikerk in Leipzig levert het bewijs. Daar kwam men ondanks terreur en onvrijheid van tijd tot tijd bij elkaar om voor de vrede te bidden. Niet zonder gevaar, want verborgen camera’s en Stasi-medewerkers registreerden genadeloos. Steeds meer arrestaties waren het gevolg. Op 7 oktober 1989, toen de DDR haar 40-jarig bestaan vierde, sloegen geüniformeerden tien uur lang in op weerloze mensen. Velen werden in vrachtwagens afgevoerd. (Dictatoriale machthebbers vervoeren de tegenstanders altijd in vrachtwagens en goederentreinen). Dit alles mocht niet verhinderen dat op 9 oktober de Nicolaikerk zich vulde met duizenden mensen. Aan het eind van de bijeenkomst sprak de bisschop de zegen uit, nadat Kurt Masur, de dirigent van het Gewandhaus Orkest een oproep tot geweldloosheid had gedaan.

De predikant van toen, dominee Führer (what is in a name) vertelt erover:

“En toen wij uit onze kerk kwamen – dat beeld zal ik nooit vergeten – wachtten tienduizenden buiten op het plein. Ze hielden kaarsen in de hand. En wie een kaars draagt, moet beide handen gebruiken. Men moet de vlam beschermen. Dan kan men niet tegelijk een steen of een stok in de hand houden. En het wonder gebeurde. Jezus’ geest van geweldloosheid sloeg over op de massa’s, ook op de soldaten en de speciale eenheden van de politie. Het was een avond in de Geest van onze Heer Jezus Christus, want er waren geen winnaars en verliezers. Niemand triomfeerde over de ander. Niemand verloor zijn gezicht. Deze geweldloze actie leidde uiteindelijk tot de val van de dictatuur. ‘Niet door kracht of door geweld, maar door mijn Geest, spreekt de Heer.’ Wij hebben het gezien. Duizenden in de kerk. Honderduizenden op de straten. Zonder één ingeslagen etalageruit.” Een lid van het Centraal Comité van de DDR-regering zei vlak voor zijn dood: “We hadden alles gepland. We waren overal op voorbereid. Maar niet op kaarsen en gebeden.”

Wat een prachtig verhaal! Een kerk die zijn roeping verstaat, die zich niet vrijblijvend in zichzelf opsluit, maar moedig tekenen van hoop opricht in een wanhopige wereld van geweld en onmenselijkheid.

Dat die dwaze hoop van de kerk en van de gelovige een stevige basis heeft, hoorden en beleefden we in die andere beroemde kerk van Leipzig, de Thomas Kirche, dezelfde waar Johann Sebastiaan Bach kinderen en cantates ten doop hield (cantates iedere week; kinderen wat minder vaak, al kreeg hij er twintig). In een volgepakte kerk werd een koraalcantate van Max Reger uitgevoerd: Meinen Jesum lass ich nicht, weil ich soll auf Erden leben… (Mijn Jezus laat ik niet los, terwijl ik in de wereld moet verblijven…).

Het laatste couplet mochten we allemaal meezingen. Dat deden we uit volle borst, terwijl het Thomaskoor hoog op de orgelgalerij ons met sierlijke zangbewegingen overstemde, als een goedkeuring van boven.

Commentaren zijn gesloten.

Zoeken

Column

Machteloze opofferende liefde

Het is Goede Vrijdag, Jezus sterft aan een kruis. Maar waarom? Verhalenverteller en missionair Matthijs Vlaardingerbroek wist precies hoe het zat, totdat een Schotse vreemdeling hem aansprak in een museum. Het is een winterse dag in Glasgow, de stad waar mijn dochter studeert, als ik eindelijk de kans krijgt om het wereldberoemde schilderij “De Christus […]

390911 bezoekers sinds 07-06-2010